Nitwits in Retailland

24 Dec

Stadshartmanagement
Het merkwaardigste verhaal deze week is wel de plotselinge kritiek op het functioneren van onze manager Stadshart, Martin de Vries. Met name de nét afgezwaaide ex-raadsleden van de SP lijken zich veel meer zorgen te maken over de kosten van deze, nog maar een halfjaar bestaande, functie, dan over de toekomst van ons Stadshart. Wil Verschuur (Beter Alphen) schaarde zich direct in dit koor, om aan te geven dat ook zij geen idee heeft hoe een winkelcentrum werkt (of, in het Alphense geval, nog niet werkt).
Dat die politici zich zoveel zorgen maken om de (salaris)kosten van die Stadshartmanager zou eigenlijk vermakelijk zijn, als het niet zo pijnlijk was. Er leven duizenden Alphenaren, direct of indirect, uit de gemeenteruif, dan maakt één salaris écht niets uit. Daarbij, die aanstelling is maar voor 3 dagen in de week, en de kosten worden voor misschien maar voor één dag in de week door de gemeente betaald. Het LIJKT me dat de betrokken politici meer rendabele bezuinigingsposten moeten kunnen vinden.

Pijn lijden
Met de belangen van dat Stadshart is al sinds mensenheugenis zonder visie maar wat aangeklooid, in eendrachtelijke samenwerking tussen politiek, bestuur én ondernemers. Het gevolg is geweest dat letterlijk álle plannen, vanaf ‘rondom de brug’, zijn opgesteld vanuit de dodelijke combinatie van ervaringen uit het verleden, en de mogelijkheden van vandaag. Een goed plan is daarentegen altijd gebaseerd op een zo goed mogelijke inschatting van de mogelijkheden in de toekomst. De SP en Beter Alphen zijn helaas niet de énige partijen die zich op het terrein van detailhandel bezondigen aan autorijden met een geblindeerde voorruit! Niemand, niet in Alphen, niet daarbuiten, lijkt kennis van retailzaken met politiek te verbinden, Politici willen er niets van weten, en Retailers willen niets van de politiek weten. Daar kun je de nieuwe Stadshartmanager in ieder geval niet van beschuldigen. Om de patiënt, het Stadshart, weer beter te maken zijn chirurgische ingrepen noodzakelijk, en dat daarbij moeten een aantal gevestigde belangen pijn leiden. Nou, én! Als Alphenaren dat Stadshart blijven mijden, zodat ze dat al TIEN jaar achtereen doen, doet dat iedereen pijn!

Praktijkgericht?
Generaal en President Eisenhower zei ooit dat ‘er niets zo praktisch is als een goede theorie” en hij zou dat toch moeten weten. Want natuurlijk gaan al die nitwits je, na hun politieke luchtballon lek geprikt te hebben, ogenblikkelijk “beschuldigen” een theorie te beheersen waarvan zij geen flauwe notie hebben. Ik wil er niet over zeuren, maar je wordt op je zesentwintigste écht geen bedrijfsleider van een warenhuis omdat je zoveel boekjes las. En de eerste verkoopdirecteur die zijn positie te danken heeft aan het schrijven van mooie rapporten moet ik ook nog tegenkomen. Ook Martin de Vries heeft zijn kennis niet uit een boekje, al was het maar om de doodsimpele reden dat over ‘centrummanagement’ nog helemaal geen theorieboek is geschreven. En ook hij heeft zich qua resultaten, in het veel grotere Haarlem, allang waargemaakt. Dát kun je dan weer niet van alle politici zeggen.
Helaas kan ook hij niet zorgen voor mooi wit winterweer, maar op de dagen dat dat weer wél meewerkte, zag en voelde ons Stadshart, met al die houten stalletjes rond de Winterfair, gewoon gezellig aan. Toen ik, mét de Dickens Ghesellen, vrijdagavond al zingend vier uur lang door dat Stadshart zwierf, ben ik hoofdzakelijk heel vrolijke stadsgenoten tegen gekomen. Volgend jaar zullen dat er ongetwijfeld weer meer zijn. Iedereen die denkt dat een dergelijke activiteit ogenblikkelijk geld in het laatje brengt, is commercieel naïef. Als het zo simpel was, maar ja, er zijn nu eenmaal veel Alphenaren die hun stadgenoten wijsmaken dat elke activiteit ogenblikkelijk leidt tot commercieel succes. En nóg meer Alphenaren die dat nog geloven ook…..

Nieuwe winkeliers en nieuwe Stadscentra
Natuurlijk zijn promotionele activiteiten, en zeker evenementen, dé manier om consumenten naar ons Stadshart te lokken. Zonder bezoekers in het Stadshart heb je zeker geen bezoekers in de winkels. Alleen, dan moeten de winkeliers er wel voor zorgen dat die consumenten ook hun winkel als aantrekkelijk zien. Daarbij, een bezoeker is absoluut niet automatisch een koper. Kortom, ons Stadshart is pas écht aantrekkelijk als er méér diversiteit in winkels komt, en elke klant zich daar welkom voelt. Nu is een groot deel té veel gericht op dagelijkse aankopen waarin ¾ van de bezoekers NIET geïnteresseerd is, en richten vooral modewinkels zich veel te veel op de ‘gemiddelde’ klant, zodat ze er nergens uitspringen. Een beetje vriendelijker zou ook geen kwaad kunnen. De, voor de ‘beleving’ van ons Stadshart zo belangrijke, horecasector biedt al jaren weinig ‘dubbels’, en die gelegenheden zijn juist niet allemaal op dezelfde klant gericht. Nu de winkeliers nog, en dán krijgen we misschien met z’n allen die klantenstromen weer op gang die al jaren alleen maar afneemt. Als we dan eens afscheid durven nemen van allerlei historische argumenten en onze winkels concentreren in het werkelijke stadshart, dan zullen zelfs de meeste politici nog blij zijn zoiets te hebben als een Centrum Manager.
Oh ja, verwacht niet teveel toestroom vanuit de regio, zolang de Alphenaren zelf hun Stadshart links laten liggen: “First Things First”

Advertenties
%d bloggers liken dit: