Hypocriet

25 feb

Sorry, lezers, maar dat was toch het eerste woord dat bij me opkwam toen ik de ontboezemingen van onze vriend John Vermeer vanochtend las op Alphens.nl en het AD/GH. In de afgelopen tien jaar heb ik regelmatig aandacht gevraagd voor de ongewenste ontwikkelingen rond stadsruïne de Baronie en later van de peperdure ongein rond onze Rijnhaven. John Vermeer daarentegen heeft al die jaren die plannen alleen maar gesteund! Pas nu hij als eigenaar van het Nutsgebouw geconfronteerd wordt met ongewenste concurrentie, en zijn eigen portemonnee gevaar loopt, slaat hij alarm.
Daar heeft het Nederlandse woordenboek maar één term voor: HYPOCRIET!

John Vermeer

Ach, eerlijk gezegd weet ik niet zoveel van John Vermeer. Blijkbaar heeft hij als directeur van de Variant groep zijn financiële schaapjes op het droge gebracht, en ging zich vanaf dat moment wijden aan een nieuwe hobby: De Machtigste Man van Alphen worden!
En warempel, dat is hem nog gelukt ook, als voorzitter van de VOA, onze plaatselijke ondernemersclub. Een functie die hij uitbouwde tot een status die een bijna koninklijk afscheid in onze noodlijdende schouwburg Castellum rechtvaardigde. Gelukkig lijkt de huidige VOA voorzitter, Eric Carree, wat meer down to earth te opereren. Intussen kwam John met een heleboel initiatieven die allemaal het planstadium niet eens haalden. Uiteindelijk lukte het hem zelfs de nodige mensen enthousiast te maken voor een (onhaalbaar) plan voor horeca, zeilschool én huisjes op het water van de Zegerplas, maar die liet hij, met dat plan, fluks in de steek toen zich een beter idee aandiende: Het Nutsgebouw.

Macht

Vreemd genoeg heeft dezelfde John Vermeer ruim 10 jaar de tijd gehad zijn stempel op die VOA, maar ook op het economisch beleid van de gemeente Alphen te drukken. Jarenlang, ook na zijn langgerekte afscheid als voorzitter, heeft hij veel invloed gehad op de economische politiek in Alphen aan den Rijn. Bij zijn afscheid regende het nog waardering uit zijn mond voor ons college. Nu klinkt er heel wat anders uit zijn mond. De man die elke week bij Gerard van As koffie ging drinken stelt nu (en AD journalist Jan Belt gaat dat zeker niet afzwakken) dat “het college uit de bocht vliegt met het Rijnhavenplan”! Blijkbaar heeft John nooit geleerd dat “MACHT” stopt op het moment dat je het gaat toepassen. John de VOA voorzitter was iemand anders dan John de horecabaas, en het hele stadhuis weet dat!

Zeeman

Laten we wel wezen, ik zet Jan Zeeman rustig op hetzelfde voetstuk als mannen als Anton Dreesmann of Jaap Blokker. Alleen, anders dan hun gebruikelijke kring ja-knikkers, heb ik rustig kritiek als hun plannen wat al te veel uit balans zijn. Ook Jan Zeeman kan maatschappelijk onwenselijke activiteiten rond de Baronie niet camoufleren met leuke activiteiten elders. Maar ja, als je in Alphen, en zeker bij de VOA, aanmerkingen had op Jan Zeeman, werd je nog net niet in het openbaar gestenigd. Nou ja, wel met woorden, zoals door John Vermeer. Die Jan Zeeman nú opeens  een ‘rupsjenooitgenoeg’ noemt! Alsof hij dat niet altijd is geweest!

Jarenlang heb ik met lede ogen gezien hoe de toenmalige wethouder Robert Blom, gevolgd door ambtenaren en journalisten, elk jaar opnieuw zijn rondgang maakte rond onze stadsruïne. Natuurlijk in de hoop dat die, door de gemeenteraad heilig verklaarde, brok stenen ook na zeven jaar als het bijbelse Jericho in elkaar zou storten. Helaas! Maar op 12 september 2009 schreef ik ‘Baronie als Klapsigaar’ op dit blog, toen Jan Zeeman hiervoor plannen formuleerde die vér uitstaken boven de natuurlijke rol als buurtwinkelcentrum. Maar je hoorde John Vermeer niet. Ook niet toen Jan Zeeman, die de gemeente zo gek had gekregen dat winkelcentrum voor 4 miljoen Euro bereikbaar te maken, in een glossy van Info Business zelfs aankondigde er een luxe trekker voor de hele regio van te maken. En dát is toch echt de functie van ons Stadshart! Maar VOA en John vonden het opnieuw allemaal prima. Geen millimeter support voor mijn kritiek op die irrealistische plannen die toch een opmaat waren tot de bouw van het nieuwe Zeemanimperium rond de Rijnhaven waarmee John Vermeer nu opeens zoveel moeite heeft. En opnieuw is het de gemeente die daarvoor betaalt.

Rijnhaven

Ik heb me al in 2014 openlijk afgevraagd hoeveel Alphenaren überhaupt weten waar die Rijnhaven, met zijn deprimerende omgeving, eigenlijk ligt. Natuurlijk heb ik ook Robert Blom eens een tranentrekkend verhaal over een nieuw Rijnhaven horen vertellen, maar iedereen zag dat als een politiek sprookje. Maar opeens was er, nadat er een (dure) modus was gevonden om eindelijk van chemiebedrijf Biesterveld af te komen, niet alleen een projectgroep Rijnhaven, met een echte projectmanager. Nee, opeens kwamen er allemaal doldwaze plannen naar buiten om daar het kloppende creatieve hart van Alphen te maken, alsof ‘Parkvilla’ niet bestond. Op dit moment gooit de gemeente zelfs 5 miljoen Euro in die waterpoel om deze, met een gloednieuwe brug, bereikbaar te maken voor sloepen. U begrijpt, geen enkel woord van kritiek van John Vermeer, hoewel ik zelfs berekende dat een jachthaven daar al nauwelijks iets opleverde voor de Baronie, laat staan voor het Stadshart.

Maar ja, je kunt op het stadhuis mooie plannen maken voor kleinschalige bedrijfjes in kunst en cultuur, we weten maar al te goed dat dit soort initiatieven geen cent gaat opleveren. Die ruimte kun je dus beter verpatsen aan een sloepenbouwer en een grootschalige horecavoorziening, en dus zijn de lokale kunstenaars van het terrein geschopt en kan Zeeman hier ongehinderd ‘ondernemen’! Een situatie waar John Vermeer in het verleden ongetwijfeld alleen maar lof voor zou hebben, maar die hem nu, als nieuwbakken horecaondernemer, in het AD tot een woede uitbarsting brengt!
Met dezelfde argumenten die ik al tien jaar, tot zijn ergernis, naar voren bracht.

Intussen ben ik niet bepaald meer de enige die zich afvraagt wie al dat nieuwe aanbod aan extra maaltijden, en extra drank, waarmee Alphen opeens wordt overspoeld, gaan consumeren. Maar dát heeft hier natuurlijk niets mee te maken!

Maxima, Minima

22 jan

Maximabrug, en het Karrenspoor erheen!

Nu de brug over de Hoorn eruit ligt, en ik toch al tot de Eisenhowerlaan gevorderd was, moest ik vrijdag besluiten of mijn weg naar Leiden dwars door Alphen aan den Rijn moest lopen, óf dat het mijn eerste tocht over de zo bejubelde Maximabrug zou worden.
Het werd het laatste.
Helaas, Riddervelders, kan ik u die tocht niet aanraden. Niet alleen omdat ik al direct vast kwam te zitten voor de brug toen er een sleepbootje door de Heijmanswetering kwam tuffen. Maar de weg voor, op en na die brug moest ik ook nog eens delen met een heel pak scholieren die daar fietsen. Ik kan me voorstellen dat veel Koudekerkse en Hazerswoudse ouders daar buikpijn van hebben. Maar, éénmaal over die brug kom ik op het toch erg bekende weggetje tussen Rijn en Gnephoekpolder de nodige nieuwe wegversmallingen tegen. Blijkbaar met het idee dat auto’s die weg, en de Maximabrug, verder wel links laten liggen. Dát zouden ze inderdaad moeten doen!
Want na die slingerweg kom je via een heuse rotonde op een nieuwe weg die je voor een kwart die polder inslingert om je vervolgens op het juiste hoge niveau op deze kolossale vierbaans brug te brengen. Een volgende vreemde slinger levert je uiteindelijk af bij de voordeur van Hoogvliet, waarna je blij bent even later eindelijk de N 11 op te kunnen draaien. Minstens vijf minuten langer dan via de ‘oude’ weg.

Deze inleiding om maar even duidelijk te maken dat die, tientallen miljoenen kostende, brug absoluut geen enkele waarde heeft voor welke Alphenaar dan ook! Een duur CDA/VVD cadeautje aan Spanbeton en Koudekerk, maar dát is het ook wel. Alphenaren zouden er heel wat meer aan gehad hebben wanneer die miljoenen in de “Bodegraven Boog” gestoken zouden zijn. Daar staan, elke morgen nét zoveel Alphenaren stil als er in een heel jaar over die Maximabrug gaan rijden!
Bij Bodegraven is hun verkeersgeluk nog vele jaren MINIMAAL!

Grote Bypass of……

Het zal niet zo lang duren voor politici ‘opeens’ tot dezelfde conclusie komen als ik jaren geleden, namelijk dat de Maximabrug zonder verbinding met doorgaande wegen toch wel een uitzonderlijk staaltje kapitaalvernietiging is. Natuurlijk komt dan de ‘Kleine Bypass’ via de Bruinsslotsingel en de Eisenhowerlaan naar de inmiddels vierbanige N207 naar voren. Een CDA gedrocht dat ongetwijfeld zóveel klachten van omwonenden gaat opleveren dat daarna, al zal ik dát niet meer meemaken, de honderden miljoenen kostende grote bypass op komt duiken. Peperduur omdat er óf een heel hoge en lange brug over de Hijmanswetering moet komen, óf een tunnel, voor deze weg dwars door nóg een groene polder aansluiting kan vinden op de kruising N207 en Kruisweg. Een oplossing die, zoals een korte blik op de kaart leert, nóg eens een kwart van de huidige Gnephoekpolder gaat afsnoepen. En honderd meter verder begint de bebouwing van Woubrugge al, om het idee van ‘een groene Stad met lef’ maar weer eens naar voren te halen.

Beste lezers, we kunnen beter afstappen van onhaalbare ideeën van lang geleden, en de blik naar voren richten, maar dan wel vanuit een integrale visie van stadsontwikkeling, in plaats van ‘eerst dit en dan zien we wel’.
Dat de ‘status’ van groene, open, polder in het Zuid-Hollandse landschap tussen Alphen, Koudekerk, Woubrugge en Hoogmade door die Maximabrug om zeep is geholpen, dát moet voor én tegenstanders (waaronder ikzelf) van bebouwing van die polder intussen wel duidelijk zijn geworden. Nog vijftig jaar, en, op welke manier misbruikt dan ook, zal die polder niet langer in het landschap teruggevonden kunnen worden.

Ofwegenvariant

Of je nou op de kaart kijkt, of vanaf de Gnephoekweg het landschap inkijkt, onmiddellijk valt je op dat er in de verte, op de Kerkweg, gewoon auto’s rijden. Kortom, hoe simpel zou het moeten zijn om, nu die brug er tóch ligt, langs de westelijke rand van de polder een ruime tweebaans verbindingsweg aan te leggen naar de hoek van die Kerkweg (richting Woubrugge) en Ofwegen (richting Hoogmade). Dan kunnen automobilisten daarna rechtsaf om uiteindelijk via de N207 naar de A4 te rijden, of, veel simpeler, via de bestaande tweebaans weg naar de A4 te rijden. Een simpele en (in vergelijking met die bypasses) spotgoedkope oplossing zonder dure kunstwerken die dan ook al jaren door Nieuw Elan wordt bepleit.
Naar de A4 bij Leiderdorp, zult U denken, maar kun je dan niet beter via de N11 naar die A4 rijden? Dat scheelt nauwelijks 4 kilometer! En die aansluiting op de A4, en de A4 zelf, zult u denken, is bij Leiderdorp toch nét sterk verbeterd?

Natuurlijk is dat zo, beste lezer, net zoals het een feit is dat ‘Maxima’ propagandist Hoogvliet naar Bleiswijk gaat verhuizen en de meeste grote transportbedrijven inmiddels failliet zijn, óf hun spullen steeds meer via de containerhaven verschepen.
Waarom dan die Maximabrug?

Spoorwegtunnel

Het is inderdaad treurig, maar met wat meer integraal planologisch inzicht bij onze politici hadden we ons die Maximabrug gewoon kunnen besparen. Die brug lijkt nu uitsluitend een springplank geweest te zijn om de Gnephoekpolder te kunnen bebouwen. Zoals ooit gebouw ‘De Kunstverdieping’ dat was voor de megalomane plannen rond de Hoge Zijde!
Want nu daar binnenkort, Groene Stad of niet, nauwelijks meer groen is te zien, heeft het openhouden van de Gnephoekpolder weinig zin meer. Als we veel ruimte moeten vrijhouden voor een eventuele ‘Grote Bypass’ wordt het lastig plannen rond deze nieuwe stadswijk, maar als die ‘Ofwegenvariant’ wordt aangelegd, kunnen architecten hun gang gaan. Waar die ‘Maximabrug’ nauwelijks zinvol is voor de huidige Alphenaren, beschikken de bewoners van deze nieuwe wijk dan daarmee over een prima uitvalsweg. En kunnen ze, mét de Koudekerkers, gebruik maken van hun nieuwe, gemakkelijk te bevoorraden, Buurtwinkelcentrum zonder dat er een nieuwe brug over die Heijmanswetering gebouwd moet worden.

Tja, en wat de bereikbaarheid van ons Stadshart betreft, die spoorwegtunnel bij ‘Da Vinci’ zal er toch echt eens moeten komen, voor al deze nieuwe inwoners, met die uit Kerk en Zanen, definitief richting Zoetermeer of Leidschendam vertrekken!

Ezels en Ezelsbruggetjes

9 jan

Help, Machiel is weer bezig!

Machiel van der Schoot en de plaatselijke politiek, zeker van VVD origine, dát werkt niet, zo weten Alphenaren wel over deze (ex-) machtigste man van Alphen. In zijn nieuwste blog “Wethouder Hoekstra: een ezel…..” hakt hij weer eens ouderwets in op een VVD wethouder. Na Stan Lyczak is het nu de beurt van Tseard Hoekstra. Voor ik een wethouder een ezel zou noemen, of zelfs iets wat daarbij in de buurt komt, moet er wat gebeuren, maar ik ben wel geschokt een officiële reactie van die wethouder op dit blog te lezen. Ze hebben op het stadhuis tenslotte communicatiespecialisten genoeg zitten. Enfin, het kwaad is geschied.

Natuurlijk kun je op allerlei bestuurlijke besluiten van de afgelopen jaren het nodige afdingen, dat is niks nieuws, mijn blog http://www.beleefalphen.com staat er vol mee! Daarvoor hoeven we de recapitulatie van Machiel dus niet te lezen. En dat Tseard Hoekstra een veeg uit de pan meekrijgt, daar heeft hij ook flink aan meegewerkt. En dan staat zijn recente geldverspilling bij de vierbaans brug naar Nergenshuizen nog niet eens bij! Maar is onze Tseard dat allemaal wel persoonlijk aan te rekenen?

Waar is de raad?

De SP maakte Hoekstra wethouder

Tja het geschiedenislesje politiek van Machiel is natuurlijk gekleurd, maar ook niet helemaal compleet. Want het is niet de verdienste van de VVD (die fors verloor in 2014) dat Hoekstra daar als wethouder zit, maar het onvermogen van de SP om compromissen te sluiten. Tot ieders verbijstering, ook bij de VVD, leverde dat die verliezers toch een wethouderszetel op, en blijkbaar is de voorraad kandidaat wethouders in die partij uiterst beperkt.

Gemeentebestuur

Het is jammer dat onze Machiel zo weinig oog heeft voor het democratisch proces. Want onze vriend Hoekstra kan natuurlijk, en zijn voorgangers konden dat ook niet, helemaal niet zo autonoom te werk gaan als hij schetst.

Tenslotte is er sprake van een heel college van B&W die besluiten initieert, maar ook nog van een hele club ‘volksvertegenwoordigers’ in de gemeenteraad die over deze besluiten debatteert en ze wel dan niet goedkeurt. Besluiten die, vaak al colleges lang, een voorgeschiedenis kennen, zodat elke afwijzing voor veel politici als een breuk met hun partijlijn zal worden gezien. Kortom, in de raad regeert niet de visie op de toekomst, maar de politieke historie, naast de angst voor de plaats op de volgende kieslijst. Kortom, alle blunders die Machiel opnoemt, zijn natuurlijk wel verbonden met de figuur van onze wethouder Hoekstra, maar dat geldt ook voor velen die door hun kiezers als de hoeksteen van onze democratische besluitvorming worden gezien.

Kuddementaliteit, en dat brengt me weer terug op die metafoor van die ezels. Alleen hier lijken ze vaak zelfs te zoeken naar stenen om zich aan te stoten…..

En dan hebben we het nog maar niet over de halfslachtige houding van onze ondernemers die eigenlijk voor alles zijn dat hen potentieel geld oplevert, of bespaart.

Gerommel aan de Lage Zijde

De enorme puinhoop aan de Lage Zijde kent een heel complexe geschiedenis. Want, typisch voor onze gespleten stad, is de enige reden dat er zoiets als een Lage Zijde plan is gekomen, de megalomane bouwplannen aan de Hoge Zijde. Toen de toenmalige eigenaren van de Aarhof geen behoefte hadden aan nog meer winkels bij dat winkelcentrum, móest voor die bouwwoede op het Stadhuis een uitweg worden gezocht, en dat werd het Thorbeckeplein. Hoewel de gemeenteraad (door Lyczak) was wijsgemaakt dat de NUON gelden zouden worden gespaard “voor onze kinderen” (ik hoor het hem nog zeggen), bleek er al binnen een halfjaar een bestemming voor gevonden te zijn: De Lage Zijde.

Kortom, mensen, de gemeente kon die 80 miljoen aan de Lage Zijde alleen maar verspillen omdat we dat geld hadden, en omdat onze politieke partijen zich niet konden beheersen dat aan hun hobby’s uit te geven. Wie wind zaait, oogst storm! En dat het grotendeels pure verspilling was blijkt wel uit het feit dat wethouder Van As met Nieuw Elan, zónder die miljoenen, voor elkaar kreeg wat zijn voorgangers, w.o. Hoekstra, mét dat geld niet konden regelen. Zelfs het ‘cultuurhuis’ van de PvdA wordt nu, in een wat praktischer vorm, door de Nieuw Elan wethouder gerealiseerd, om je rót te schamen, als PvdA-er, lijkt me.

“Gratis parkeren” in ons centrum is natuurlijk flauwe kul, dáár heeft Hoekstra gelijk in, want dat zou betekenen dat voortaan alle inwoners van de gemeente zouden betalen voor de parkeerders in Alphen aan den Rijn. Politiek natuurlijk kansloos.

Maar dan mis ik in dat stuk dan weer het idiote plan van Hoekstra en zijn mensen om de burgers voortaan per vuilniszak te laten betalen.

Zoetermeer

Ook in zijn officiële verontwaardiging namens de gemeente Alphen aan den Rijn staat Tseard Hoekstra natuurlijk niet alleen. Hij wordt hierin ‘gestuurd’ door zijn college, dat hierin weer hartstochtelijk wordt gesteund door de Alphense Ondernemers (VOA), in een protest dat eigenlijk van het College van Zoetermeer vraagt hun belang ondergeschikt te maken aan het belang van de stadscentra in andere gemeenten. Natuurlijk zal dat college kiezen voor haar eigen ondernemers, ook al zijn die deels zo dom tegen de bouw van die Holland Outlet Mall te zijn, want over een paar jaar wordt op de puinhopen van winkelcentrum Leidschenhage, 10 minuten van Zoetermeer (en 20 minuten van ons eigen stadshart) de ‘Mall of the Netherlands’ gebouwd. Wél een echte MegaMall die ALLE winkelharten van onze steden ernstige concurrentie aan gaat doen. Zie mijn vorige blog.

Hoekstra, ga!!!!!!

Ach, zo hard zal het niet gaan, de Alphense politiek kennende. Hoekstra lijkt toch vooral de buffer voor andere collegeleden te zijn, en, hoewel vast niet de bedoeling van de kiezer, schept natuurlijk een heel gunstige situatie voor anderen. Want dat veel van zijn ‘wandaden’, volgens Machiel, in innig samenspel tussen vooral VVD en CDA zijn ontstaan en uitgevoerd, dát zie ik niet in dit stuk.

Intussen sluit in ons Stadshart de ene winkel na de andere, om maar aan te geven dat al dit gedoe al twintig jaar geen enkel effect heeft op de aantrekkelijkheid van ons Stadshart op de burgers van deze gemeente.

De Mythe van de VIERKANTE METER

30 dec

HOM in Zoetermeer?

hom

Rond de voorgenomen vestiging van de Holland Outlet Mall in het centrum van Zoetermeer lijkt het of heel retailend Nederland rond die stad als eendjes achter moeder eend InRetail aan zwemt.

Rosada

Misleiding

Natuurlijk wordt er door InRetail, de belangenbehartiger van de zelfstandige retailers, bewust een misverstand geschapen dat dit grote outletcentrum directe concurrentie zou opleveren voor de winkeliers in Zoetermeer, in plaats dat het, zoals in Roermond al jaren is bewezen,1/3 van haar bezoekers verder laat winkelen in het Stadshart van Zoetermeer. Bezoekers die nu merendeels nooit in Zoetermeer komen.

Daarbij wordt het buitengewoon ingewikkelde Retail proces, bewust versimpeld door in het grote verspreidingsgebied van 100 km doorsnee (met honderden grote en kleine winkelcentra) de ca. 30.000 m2 winkelruimte gewoon één op één te vergelijken met de bewinkeling in direct omliggende plaatsen als Alphen aan den Rijn. En wordt nodeloos gezinspeeld op de steeds doorgaande leegstand, die bewijst dat de Retail sector helemaal geen outletcentrum nodig heeft (dat is er immers nog lang niet) om het ene faillissement na het andere over zich heen te roepen.

Alphen in de knel

Nee, het Alphense Stadshart zit, zoals dat in alle kleine en middelgrote steden het geval is, hopeloos in de knel tussen alle Retail ontwikkelingen in de regio in. Dat geldt ook voor Zoetermeer, dat als Stadhart door dit HOM opeens bovenregionaal wordt, en daarmee op voet van gelijkheid de strijd aan kan gaan met ‘The Mall of the Netherlands’ die ‘Leidschenhage’ in Leidschendam moet gaan vervangen. Een ontwikkeling overigens die ook voor de winkeliers in Alphen aan den Rijn een veel grotere bedreiging vormt dan die HOM. Gewoon omdat dit vernieuwde winkelcentrum vlakbij, anders dan de HOM, wel degelijk een directe concurrent is voor welk stadscentrum in de buurt! Maar hoor je dáár iemand voor waarschuwen?

De ene meter is de andere niet!

Nee, de éne vierkante meter is de andere niet, en dat is te vinden op nl.linkedin.com/in/reinderkoornstra

Meer hierover ongetwijfeld in 2017, iedereen intussen een prettige jaarwisseling toegewenst!

Quo Vadis Castellum?

4 dec

Weer een miljoen…..

Kijk, dat Theater Castellum elk jaar na de opening verlies lijdt, is, met een half miljoen aan subsidie, nog niet zo erg. Cultuur kost geld! Dat de gemeente desondanks elk jaar flink moet bijpassen omdat Castellum nóg meer verliest dan ze al raamden, is, ook in de politiek, al jaren een regelrechte ergernis. Dat er ondanks al die jarenlang neerdwarrellende gemeentelijke Euro’s zelfs geen reserve voor groot onderhoud aanwezig is, is een regelrechte schande. En dát terwijl de gemeente, direct en indirect, zelf al zo vaak ‘activiteiten’ in dat theater organiseert, en iedereen weet dat ons cultureel centrum zonder de bioscoop allang failliet zou zijn geweest.
Op 30 april schreef ik op dit blog al over dít zwarte gat in onze gemeentebegroting.

Linksom, of rechtsom, het werkt niet!

Want de zin die Annemiek Brandniet van AD/Alphen bij de nieuwe directeur Sandra Bruinsma optekende, hebben we al een paar keer eerder gehoord: “We moeten eerst intern de boel op orde krijgen en kunnen daarna gaan bouwen”.
Kijk, in de zakenwereld probeer je het eerst rechtdoor, conform de planning. Als dat niet lukt, probeer je het linksom, en rechtsom, maar als het dan nog niet werkt, schrijf je je verlies af. Iedereen die het anders doet, is een hobbyist!
Nu het in bijna vijftien jaar op geen enkele manier is gelukt Castellum in ‘the hearts and minds’ van het Alphense publiek te rammen, wordt het tijd voor andere discussies. Want nóg een miljoen in dat theater pompen, terwijl er niets verandert, zou de betrokken politici wel eens de kop kunnen kosten. Zeker wanneer iemand eens berekende wat dit Castellum, gekapitaliseerd, de Alphense gemeenschap al heeft gekost, en wat het die gemeenschap nog gaat kosten, tenzij…

Cultuur in Alphen

Het is met dat theater net als met zoveel dingen in onze stad, men wil het graag hebben, maar gaat het vervolgens niet gebruiken. Natuurlijk zit Castellum propvol met een publiekstrekker als Tineke Schouten, maar die zou in een boerenschuur ook succes hebben. Helaas zijn er te weinig van haar kaliber om als theater te kunnen bestaan. De ‘eis’ om, in ruil voor die gemeentelijke subsidie, in culturele zin breed te programmeren, heeft men, op basis van treurige bezoekersaantallen, intussen al laten vallen. Het idee om ooit elke dag voorstellingen te hebben, is nooit bewaarheid geworden. De gemiddelde Alphenaar is cultureel immers nauwelijks geïnteresseerd, al zou je dat, de kleine kring luidruchtige aanhangers horend, niet denken. En wie dat wél is, weet overal om ons heen terecht te kunnen. Dát was voor de bouw van Castellum ook al het geval, maar niemand wilde luisteren: Alphen moest een theater hebben, was het idee van de megalomane denkers die ons ook al een onrendabel stadshart ‘schonken’!
Natuurlijk zijn er veel culturele activiteiten in Alphen, maar die vinden bijna overal elders plaats. Dat is in de overige kernen al niet anders. Activiteiten die alle hun eigen beoefenaren én publiek hebben. Een publiek dat zich nauwelijks in Castellum vertoont.

Castellum in de steigers

Castellum, dat is gevoeglijk bekend, is, het theater zelf daargelaten, een slecht ontwikkeld gebouw. Ik heb nog nooit een theater meegemaakt waar je direct na de kassa gelijk op de garderobe stuit. Waar normaal gesproken de foyer naar voren uitsteekt, moet Alphen het doen met twee ‘theatercafé’s aan beide zijden die zelfs geen verbinding hebben met de foyers op de 1e etage, terwijl die foyers ook nog onderling gescheiden zijn. Ik ben geen bouwkundige, maar als leek was mij snel duidelijk dat dit theater Castellum gewoon een paar meter te kort is. Het Rijnplein als evenementenplein had voorrang, blijkbaar. Nu valt dat best te herstellen, maar dat kost wel weer een paar miljoen extra, vrees ik. Met een nieuwe ingang aan de kant van de Mediamarkt, het theatercafé er aan de voorkant half omheen getrokken (jammer dan van het terras, maar die hebben we zát in Alphen) en de twee foyers op de 1e etage met elkaar, en met het theatercafé verbonden zou het er al veel beter uitzien, toch? Dan houd je aan de Rijnkant nog een paar leuke ruimtes voor de Muziekschool over.

Castellum financieel zelfstandig?

Misschien is dat mogelijk, maar het is weinig waarschijnlijk. Het zou al mooi zijn als al die verbeteringen een positief jaarlijks exploitatieresultaat tot gevolg zouden hebben. Nadeel daarvan is natuurlijk dat de miljoenen aan verbouwingskosten gelijk afgeschreven moeten worden. Waar nú de nieuwe trekkenwand al bijna een miljoen moet kosten, is straks de inrichting aan vernieuwing toe. Toch gauw weer een miljoen. Uiteindelijk mag de gemeente blij zijn als de noodzakelijkste investeringen in theater Castellum de grens van 5 miljoen Euro niet overschrijden.
Hoe populair ook in bestuurskringen, maar met de salamitactiek kom je niet ver. Er zijn fundamentele stappen nodig, en als de politiek daar niet 5 miljoen voor wil uittrekken, stort onze ‘trots’ bedrijfskundig, en misschien ook bouwkundig, gewoon in elkaar.
Daar kan geen directeur, hoe kundig ze ook mag zijn, iets aan doen.

Parkeerimpasse

24 nov

Vrij Parkeren als klantentrekker?

Beste lezers, het is niet de eerste keer dat ik dat “gratis parkeren” als een illusie neerzet. Kijk, dat iedereen het merkwaardig vindt dat je niet hoeft te betalen voor een parkeerplaats in de boodschappencentra De Herenhof, De Atlas en De Baronie, maar wel in de al zo geplaagde Ridderhof, ligt voor de hand. Natuurlijk, er ís, vanuit het stadhuis gezien, een goede reden voor, maar geen klant die dat relevant vindt. Dat je op de Euromarkt in een deel wél je parkeerschijf moet gebruiken, en in een ander deel (bij de bouwmarkt) niet is ook al een stukje parkeerbeleid dat niet is uit te leggen. Dan denk ik ook, hóe verzinnen ze het, dat regeltjesoerwoud! Maar iedereen die wel eens in De Ridderhof is geweest, weet dat er genoeg ándere redenen zijn om dat winkelcentrum te mijden, dat parkeergeld komt er gewoon bij. Overigens, die vreselijke parkeerpalen, en de lange rij wachtenden ervoor, vormen vast een grotere ergernis dan het parkeergeld zelf!
Nee, er is genoeg op het parkeerbeleid af te dingen.
Maar beste ondernemers, als ik weer eens naar Zoetermeer ga, doe ik dat toch echt niet omdat parkeren gratis is, maar omdat het een leuk en compact winkelcentrum is. En ik rij ook niet naar Lisse of Leidschendam omdat het ook daar gratis is. Of naar Katwijk omdat daar parkeren bijna niets kost.
Tenslotte, en ik heb dat al eens voor u uitgerekend, zijn je vervoerskosten snel hoger dan het parkeergeld in Alphen aan den Rijn. Nog nooit is aangetoond dat vrij parkeren klanten trekt, of dat het klanten afstoot. Maar het geloof dat het anders is, is buitengewoon hardnekkig.

Beleid

Het spijt me voor Edwin ten Brink (VOA) en Gerard van der Klaauw (Centrum Management), maar hun stellingname is weinig logisch, éénzijdig op voordeel van ondernemers gericht en slecht onderbouwd. Het kost alleen wat letters om dat uit te leggen:

“Vaakparkeerders”

Hun standpunt is niet logisch omdat er natuurlijk niet zoiets als ‘gratis parkeren’ bestaat! Iemand moet het betalen en dat ís ALTIJD de Alphense burger, linksom of rechtsom. De suggestie dat ‘gratis’ parkeren de burger niets kost, is zelfs misleidend. Want NU betaalt de Alphenaar pas parkeergeld als hij/zij van de parkeervoorzieningen in het centrum gebruik maakt, STRAKS betaalt die Alphenaar parkeergeld (via de OZB) om ervan gebruik te kúnnen maken. Dat kost de gebruikers minder, omdat bij ‘gratis parkeren’ élke Alphenaar (en zelfs elke burger van onze gemeente) meebetaalt aan het parkeergebruik van degenen die in het Stadshart parkeren. Die burgers betalen zelfs vooral degenen die heel veel gebruik van die parkeervoorzieningen maken. En het zijn natuurlijk vooral die “veelparkeerders” die veel belang hebben bij ‘gratis parkeren’, en ongetwijfeld het debat (buiten de gemeenteraad) domineren. Hier gaat IEDEREEN betalen voor WEINIGEN, en dat is een aspect dat ik in de communicatie nog nooit ben tegen gekomen. Het lijkt me dat veel raadsleden dat ook wel weten, of minstens vermoeden, reden om zich liever niet aan deze kwestie willen branden!

Eénzijdige visie

Natuurlijk staan voor ondernemersclubs VOA en VOC niet de wensen van onze burgers, maar de belangen van het bedrijfsleven centraal. Anders zou dit initiatief ook niet nu, in het uur van hun ellende, vanuit dat bedrijfsleven, maar allang geleden vanuit de politiek genomen zijn. Want niet de burger, maar dat bedrijfsleven creëert dit probleem, en zet daarmee de zaak op zijn kop. Dat ons Stadshart minder Alphenaren trekt dan wenselijk zou zijn, ligt immers niet aan dat parkeerbeleid (dat niet écht gewijzigd is in de lange periode dat ons Stadshart, elk jaar opnieuw, minder centrumbezoekers trekt. Het echte probleem, en dat staat eindelijk keihard in de nieuwe gemeentelijke Detailhandelsvisie, is dat ons Stadshart qua winkelaanbod ruim de helft van onze bevolking niet biedt wat ze wensen. Je zou verwachten dat juist dít een gespreksitem nummer één binnen retailend Alphen zou zijn, maar nee, opnieuw wordt de oplossing niet intern, maar extern gezocht: het parkeerbeleid van de gemeente. Uiteraard op kosten van de Alphense burgers.

Onderbouwing?

Wel, cijfermatige onderbouwing van de claim dat gratis parkeren meer klanten trekt, ís er gewoon niet. Wetenschappelijke studies wijzen immers juist uit dat dit niet het geval is, zoals ik al vaker heb aangehaald. Waarom zou dat consumentengedrag in ons, op veel andere gebieden juist zo ‘gemiddelde’, Alphen aan den Rijn opeens wél anders zijn? Alleen al op basis van deze vooronderstelling zou je zo’n peperduur onderzoek af moeten wijzen.
Want, áls de ondernemers zo zeker zijn van het tegendeel, waarom moet dan de gemeente de kosten van dat onderzoek betalen? Het zijn toch de winkeliers, en niet de gemeente, die er baat bij hebben?

Gemeentelijk beleid of eigenbelang ondernemers

Beleidsmatig valt op dat niemand in ondernemersland zich zorgen lijkt te maken over wat ‘gratis parkeren’ in het Alphense Stadshart voor effect zal hebben op het parkeerbeleid van de gemeente als geheel. Het zou toch onbestaanbaar zijn dat je in de buitenwijken parkeergeld zou moeten betalen, terwijl dat in het centrum gratis is? Mijn logica zegt mij dat het dan dat er aan de randen van dat centrumgebied helemaal geen parkeerplek meer beschikbaar zal zijn, omdat alle bewoners die net búiten dat centrum wonen natuurlijk hun auto gratis ín dat centrum gaan parkeren. Ook is dit niet bepaald een stimulans voor het gebruik van openbaar vervoer, of, simpeler, van de fiets. Omdat zo parkeerbeleid in politieke zin veel meer inhoudt dan het financiële aspect alleen, en veel meer dan het de commerciële belangen in het Alphense stadscentrum, zie ik die gemeenteraad nog niet zo gemakkelijk overstag gaan. Tenslotte is de laatste tien jaar al genoeg over ‘parkeren’ gedebatteerd in de raad, de raadsleden zijn gewoon ‘parkeermoe’! Wát je ook doet, het is immers toch nooit goed? Dus dat er weinig op die bijeenkomst aanwezig waren, verbaast me niets.

“Doe eerst maar eens die proef”!

Blijkbaar gaat ook Edwin ten Brink er maar vanuit dat het eenvoudig zou zijn om de relatie tussen betaald en onbetaald parkeren op het economisch resultaat van een heel Stadshart (want dát is toch precies wat ons wordt gesuggereerd) te onderzoeken. De praktijk is natuurlijk dat het effect van welke verandering dan ook op het economisch resultaat in individuele winkels al uiterst moeilijk te onderzoeken valt, omdat dit nu eenmaal afhankelijk is van heel veel, steeds wijzigende factoren, die je heel moeilijk in onderzoek kunt uitsluiten (ceteris paribus principe). Daarbij ligt dat effect al op voorhand anders bij dag en avondhoreca, bij ‘boodschappenwinkels’ en bij ‘winkels waar je gezellig gaat shoppen’. Al vaker heb ik gewezen op de ‘gespleten economie’ in ons Stadshart, waar de horeca gaat bloeien als de winkels al dicht zijn……
Kortom, een onderzoek als dit is bepaald niet als ‘eenvoudig’ in te schatten, laat staan als goedkoop!

Vergelijkbaar?

Natuurlijk wijst men op de ‘proef’ in Harderwijk, maar daar is alleen gemeten dat gratis parkeerplaatsen 150.000 extra bezoekers opleverde. Maar of dat het gevolg was van dat ‘gratis’, wat die bezoekers vervolgens deden, wat ze kochten en waar, en wat dat opleverde, is niet onderzocht. En juist daar gaat het toch om, extra marge voor onze winkeliers, niet betere statistieken voor de gemeente. Nu zijn 150.000 extra bezoekers ook niet zoveel, over een heel jaar gerekend. Alleen de MediaMarkt trekt al een miljoen bezoekers naar Alphen, maar die hebben nauwelijks bijgedragen aan de welstand van ons Stadshart als geheel. Integendeel, die MediaMarkt heeft ertoe geleid dat de concurrentie binnen Alphen verdween! Hoe dan ook, een creatieve oplossing voor het vervallen V&D gebouw levert, naast woonruimte en dus klanten in ons centrum, al gauw méér dan die 150.000 extra bezoekers op. En dát hoeft de gemeente helemaal geen cent te kosten, op die plek.
Natuurlijk wordt Zoetermeer erbij gehaald, maar dát is geen vergelijking omdat de drie vrije parkeeruren daar al sinds mensenheugenis door de centrumondernemers wordt betaald. En als vrij parkeren zóveel winst zou opleveren, waarom verwelkomt men daar dan de komst van de ‘Holland Fashion Mall’ als superklantentrekker voor dat stadshart.
Waarom zou zo’n simpele constructie hier niet kunnen? Elke ondernemer kan toch zijn klanten compenseren voor zijn parkeerkaartje? Op basis van de gerealiseerde omzet? Als de eerste dat gaat doen, moet de rest acuut mee. Met de huidige elektronica is dat toch zó te regelen?
Blijkbaar is dat vertrouwen in het effect van die maatregel zó klein dat het, altijd zo met verve naar voren gebrachte, ondernemersrisico maar liever op de gemeenschap wordt afgewenteld. Waarom niet gewoon doen, en het geld voor zo’n onderzoek besteden voor zaken die beslist wel wat opleveren?
Onze politici weten natuurlijk wat wethouder Hoekstra ook weet, namelijk dat nú onderzoeken, automatisch betekent dat ‘parkeren’ een verkiezingsitem voor de volgende gemeenteraadsverkiezing wordt.
Nu onze centrumwinkeliers al zo moeilijk doen over een bijdrage aan dit onderzoek, is de betaling ervan door de gemeente nog maar slechts de eerste ‘blanco cheque’ in een ongetwijfeld lange reeks. Inderdaad, opnieuw een ‘Zwart Gat’ in de gemeentebegroting!

Conclusie

Ik weet ook zonder onderzoek wel zeker dat, hoewel bepaalde sectoren (daghoreca, supermarkten en dergelijke), waar consumenten vaak overdag komen, er beslist baat bij hebben. Maar ook dat dit ‘gratis parkeren’ niet het gebrek aan attractiviteit, en dus aan bezoekers, van het Stadshart als geheel compenseert. Wat dat betreft kun je rustig een parallel trekken met het sterk gegroeide aantal evenementen in ons Stadshart dat immers ook niet heeft geleid tot een omslag in die bezoekersaantallen?
Kortom, nu de centrumondernemers niet bereid zijn zelf aan dit onderzoek bij te dragen, moet de gemeente daar zeker geen geld in steken.
Maar is dat nou niet precies het uitgangspunt dat Jan Belt in het AD/Alphen optekende uit de mond van wethouder Tjeard Hoekstra?

Ouwe Zooi

21 okt

Pal voor Alphen

ouwezooi03

Eerlijk gezegd, moest ik wel even lachen, beste lezers, toen ik deze foto van mijn goede vriend Gerard van As vanochtend in AD/Alphen zag staan. Martiaal met de poten in de klei, de blik strak gericht op alle mogelijkheden die Alphen nog te grijpen heeft. Geef hem nog een schild, een koppel en een speer, en je waant je in de tijd dat Alphen aan den Rijn nog niet werd verlamd door tegenstrijdige belangen, onderlinge vetes, besluitenloosheid en onbeweeglijkheid. Tja, tenslotte is het nog lang geen verkiezingstijd in Alphen, dus ik kan rustig wat reclame maken voor de eerste Nieuw Elan wethouder, toch?
Helaas is ook voor Gerard niet alles rozegeur en maneschijn. Want de man die in een paar jaar meer realiseerde dan zijn voorgangers in de tien jaar daarvoor, heeft, oh schrik, de gemeenteraad een ‘Detailhandelsvisie’ gepresenteerd die nu eens meer is dan de vastlegging van de status quo. Mede daardoor loopt hij tegen allerlei vreemde zaken aan die, ik heb er al in 2006 (“Alternatieve nota detailhandelsbeleid”) voor gewaarschuwd, juist voortkomen uit het ontbreken van toekomstbestendig beleid. Kortom, hij mag een hoop, wat mijn ondernemerszoon Mike “Ouwe Zooi” zou noemen, opruimen. Een goede titel voor dit blog.
Maar genoeg veren, laten we eens kijken naar de feiten.

Innovatief Meerlaags Bedrijventerrein

Jarenlang is er in de gemeenteraad (inderdaad, Van As was toen niet met Alphen bezig) gesproken over een prachtig groen plan voor een modern, niet vervuilend en niet (leef)milieubelastend meerlaags bedrijventerrein aan de Steekterweg, waar de foto van Van As is genomen. Ik heb het al een paar keer aangekaart, maar de laatste vijf jaar hoor ik daar niemand meer over. Tót opeens Van As erin slaagt een huurder voor deze dure lege vlakte te vinden, met een bedrijf, Nedcargo, dat ook nog aansluit op de al bestaande containerhaven. Tja, dat haalt zelfs de illusie van een groen doorkijkje daar wel definitief weg, en maakt dat woonwijkje nu zichtbaar ‘onbewoonbaar’. En Alphen, u en ik, krijgt eindelijk weer wat geld terug van al die investeringen daar. Maar nu er eindelijk wat gebeurt, komt de plaatselijke ‘linkse kerk’ weer op de proppen met dat oude plan, dat in de praktijk natuurlijk nooit meer is geweest dan een politiek fata morgana. Het is mij tenminste niet bekend dat ooit ook maar één serieus bedrijf daarvoor belangstelling toonde.

ouwezooi02

En als er één bedrijf zit, komen er gewoonlijk meer, en dan zit ook dáár eindelijk schot in. Dit laat onverlet dat ook ik het mooi had gevonden wanneer het daar allemaal gewoon groen was gebleven, maar de democratische meerderheid besliste, en nu moeten Van As c.s. het doen met wat we hebben. De tijd kun je niet terugzetten, al zou ook hij dat op veel plaatsen graag gewild hebben.

Stationsomgeving

ouwezooi01

In wezen, beste lezer, is dit nog zo’n verhaal dat, nu het gebouw er al staat, niet meer terug gedraaid kan worden. Maar, ook daarover publiceerde ik al jaren geleden een blog, de gemeente, gesteund door de gemeenteraad, maakte hierover een deal met hun vrienden van Green (Jan Zeeman’s vastgoedbedrijf). Wethouder van Velzen betaalde, al voor daar ook maar één schep de grond in ging, graag 5 miljoen harde Alphense Euro’s om op het terrein van het oude hotel Toor en het voormalige energiebedrijf representatieve hoogbouw te realiseren. Dat Green in ruil onder die woningen ‘commerciële ruimten’ mocht realiseren, en wat dat weer voor ons Stadshart mocht betekenen, leek weinigen te storen. Er was, ik benadruk het nog maar eens, géén detailhandelsvisie, want een dergelijke deal is, als de gemeenteraad die visie goedkeurt, helemaal niet meer mogelijk. Alweer ‘ouwe zooi’ van de “Oude Politiek” en Van As moet het opruimen.

Want natuurlijk komen daar geen ‘aanloopwinkels’, bij gebrek aan “aanloop”. Want van twee keer per dag een uur drukte, en in het weekend een ijzige stilte rond dat station, kan geen winkel leven. Kortom, er komt daar óf wildgroei in de vorm van winkels die het gras voor de voeten van de Stadshartwinkeliers wegmaaien, óf nóg meer horeca dan er nu al is. Ik weet niet hoe het u gaat, maar soms heb ik de indruk dat we in Alphen nog gaan verdrinken in de alcohol! Er is straks in heel Alphen geen BOB meer te vinden….

Zondagsoorlog tussen Tuincentra

Je kon er natuurlijk op wachten. De vroegere gemeente Rijnwoude voerde asociaal beleid door van alles wat haar burgers niet naast de deur wilden hebben, op de gemeentegrens te plaatsen. Zo kwam Zoeterwoude aan de Rijneke Boulevard, ontwikkelde men een industrieterrein dat praktisch in Boskoop staat, stonden opeens in Alphen windmolens die de gemeente zelf niet wilde hebben, én kreeg De Bosrand, ook op de rand van Alphen, openingstijden op zondag die door de conservatieve inwoners van Hazerswoude of Koudekerk dáár nooit zouden zijn geaccepteerd. Wethouder Van As wilde de openingstijden van winkels op zondagen binnen de hele gemeente harmoniseren, maar helaas, dat wordt gefrustreerd door een oud dealtje met een gemeente die niet meer bestaat. Blijkbaar kan dit bestuursrechtelijk niet worden teruggedraaid. Ouwe Zooi die Ouwe Zooi blijft!

ouwezooi04

Maar nu is de bal natuurlijk gaan rollen, en zet Intratuin de gemeente Nieuwkoop, ook zonder detailhandelsvisie, onder druk dat ze ook op zondagmorgen willen openen. Vanwege de concurrentie met De Bosrand, en daar zouden ze wel eens gelijk aan kunnen hebben. Je ziet, binnen de kortste keren lopen gemeenten weer achter de feiten aan, omdat ze het, met de zegen van hun ondernemers, de afgelopen decennia niet zo nauw namen, en nog vaak nemen, met dit soort zaken.

Inderdaad: Ouwe Zooi

Ach, dit zijn maar een paar zaken die openbaar bestuur behoorlijk frustrerend kan maken. Ik zit immers ook te denken aan het ‘Kerstcadeautje’ dat Albert Heijn in Boskoop kreeg tijdens de allerlaatste gemeenteraadsvergadering. De raadsleden gaven op de drempel van het bestaan van hun gemeente de voorkeur aan het belang van Albert Heijn, en de projectontwikkelaar, boven het belang van hun eigen winkeliers. Tenzij Van As het alsnog voor elkaar krijgt om dit onzalige plan aan banden te leggen, wordt het winkelhart van Boskoop daarmee groter, in plaats van compacter, zoals in de Detailhandelsvisie staat. Gevolg: meer leegstand en verlies van attractiviteit! Tja, het is écht leuk, zo’n eigen gemeentebestuur.
Het Baronieverhaal is er nog zo één. Een winkelcentrum dat er in deze vorm nooit had mogen komen. Allemaal commerciële uitwassen die misschien prettig zijn voor een paar ondernemers, ook wel voor een paar consumenten, maar ongunstig voor de totale ontwikkeling van een leef- en werkgebied, wat een gemeente of stad toch is.
Ook het feit dat mét de Maximabrug van een ongerepte Gnephoekpolder allang geen sprake meer is, wordt bewust over het hoofd gezien. Nieuwe plannen daar worden dus bij voorbaat onderuit geschoffeld, natuurwaarden worden belangrijker dan ze in feite zijn.
Te gemakkelijk toegeven aan de vrijheidsdrang van ondernemers was altijd populair onder plaatselijke politici, vanuit de visie dat als het goed gaat met hun bedrijf, dat per definitie maatschappelijk nuttig is. Nou, als we één ding geleerd hebben in ‘de crisis’ is wel dat, als diezelfde ondernemers in de problemen komen , ze geen seconde meer aan die maatschappij denken!
Dat de dadendrang van Gerard van As nu vanuit allerlei belangengroepen wordt aangevallen, is eigenlijk alleen maar een teken dat hij, met zijn team, het goed aanpakt. De ingezette vernieuwing doet blijkbaar al té lang bestaande persoonlijke belangen, en dito ego’s, pijn!

Passie in de knel?

9 okt

Omgevingsplan Rijnhaven Oost

Onderneemster Lisette Goddrie staat, zoals dat een ondernemer betaamt, pal voor haar belang in de discussie met de gemeenteraad over de vraag of haar winkel “Varia: Passie voor Slapen” wel dan niet binnen het omgevingsplan Rijnhaven Oost moet vallen. De gemeente houdt vast aan wat in de nieuwe Alphense Detailhandelsvisie staat, namelijk dat detailhandel geconcentreerd moet worden op de bestaande winkelcentra.
Het wat juridische element dat het echtpaar Goddrie, die hun winkel nog geen jaar geleden overhevelden van de Euromarkt, één van die bestaande centra, naar de huidige plaats vlakbij die Rijnhaven, en daardoor niet is meegenomen in dat omgevingsplan is daarbij een intrigerende, maar commercieel niet relevante vraag. Of een winkel als ‘Passie voor Slapen’ zo nodig binnen bestaande winkelgebieden moet zijn gevestigd, dát is, zeker gezien de uitbreidingsplannen van dit ondernemersechtpaar, wel degelijk een goede vraag!
Waarom ik achter de retailvisie sta, én achter Lisette’s ‘eis’?

Concentreren

De gemeente Alphen aan den Rijn heeft, in ééndrachtelijke samenwerking tussen bureau Retail Management Center, gemeente, ondernemersvereniging VOA en een aantal detailhandelsspecialisten, beleid ontwikkeld voor haar retail infrastructuur. Nadat vele jaren uitsluitend het behoud van bestaande vestigingen en plaatselijke belangen centraal stonden in het ‘beleid’, wordt nu gekozen voor concentratie, diversiteit én duurzaamheid. In onze gemeente is het centrum van de grootste agglomeratie, het Stadshart van de stad Alphen aan den Rijn, benoemd als dé plaats waar recreatief winkelen voorop moet staan. Alle buurt- wijk- en dorpscentra daaromheen worden voortaan vooral ‘boodschappencentra’ die gericht zijn op wat de inwoners dagelijks nodig hebben. Dat betekent simpelweg dat het Alphense Stadshart steeds minder als boodschappencentrum voor de ‘oude’ Alphenaar moet gaan functioneren, maar ook dat er geen ruimte komt voor de andere winkelcentra om qua ‘recreatief winkelen’ dat Stadshart te beconcurreren. Daarbij zijn alle winkelvoorzieningen buiten die centra, zoals verouderde winkelstrips en solitaire vestigingen als niet duurzaam gekwalificeerd, en deze zullen op den duur moeten verdwijnen. Het lijkt erop dat zowel gemeente áls betrokken ondernemers ‘Varia: Passie voor Slapen’ in die laatste categorie plaatsen.
Daarmee zitten ze beide fout!

Ze zitten fout omdat helaas één ontwikkeling in de retailvisie onderbelicht is gebleven, op de kleine paragraaf 2.5 na: De ontwikkeling van regiogerichte, grootschalige ‘beleveniswinkels’. Ik durf rustig te stellen dat ‘Passie voor Slapen’ in ieder geval de ambitie heeft tot de laatste categorie te gaan horen en zich daarmee buiten de gemeentelijke retail infrastructuur heeft geplaatst.

Concurrentie van ‘buiten’

Al jaren zien we een aantal trends in het gedrag van consumenten waarmee alle winkelcentra in steden en dorpen rekening moeten houden:
• Internet
• De ontwikkeling van de grote steden
• De ontwikkeling van grootschalige ‘beleveniswinkels’

Internet

Over het algemeen wordt, vooral door de “framing” vanuit de online aanbieders, de werkelijke invloed van de webshops op de concurrentieverhoudingen in de detailhandel zwaar overdreven. Die webshops scoren vooral in een beperkt aantal branches, en haal je daar de reisbureaus, het aanbod in elektronica en de mediasector uit, dan blijft er niet zo erg veel van over. Daarbij kunnen, zie het concept van De Nieuwe Winkelier, de fysieke winkels enorm profiteren van dat internet, als ze dat ook maar zouden doen. Maar voor de klant die precies weet wat hij of zij wil, “Main stream aanbod” genoeg vindt, maar hiervoor de laagste prijs wil betalen, wint de webshop, altijd!

Ontwikkeling in de grote steden

De grote steden hebben altijd een enorme aantrekkingskracht gehad op consumenten in de verre omtrek. Een aantrekkingskracht de de laatste jaren snel groeit omdat retailketens en (via hun ‘brandstores’) grote en bekende merkaanbieders zich uit dorpen en kleinere steden terug trekken, en zich concentreren op de 10-15 echt grote steden in ons land. Dat verhoogt niet alleen de aantrekkelijkheid van die grote steden, maar verlaagt gelijk de aantrekkelijkheid van de kleinere steden. Als gevolg is er, omdat ondernemers en overheid in middelgrote winkelgebieden te lang zijn blijven hopen op betere tijden, sprake van een jarenlange verslechtering van de marktpositie van steden zoals Alphen aan den Rijn. We kunnen rustig stellen dat de nieuwe detailhandelsvisie van de gemeente, in lijn met het beleid van de “Economic Development Board” dat probleem beleidsmatig effectief aanpakt.

De ontwikkeling van grootschalige ‘beleveniswinkels’

Dit soort winkels spelen in op de trend om voor dure, infrequente aankopen te kiezen voor een bezoek aan grootschalige, gespecialiseerde, winkels en winkelcentra die buiten de normale detailhandelsstructuur vallen.

fotoPeriferecentra

Daarmee vallen dit soort ontwikkelingen (Holland Fashion Centre in Zoetermeer is er één, maar ook megawinkels als Horbach en IKEA) buiten de scope van een gemeentelijk detailhandelsbeleid. Hoewel ze natuurlijk wel allemaal in één gemeente gevestigd zijn, zijn ze gericht op de consumenten uit een veel groter gebied. Vandaar die relatief geringe aandacht binnen een gemeentelijke detailhandelsvisie.
Maar het feit dat je winkel buiten de gemeentelijke retail infrastructuur valt, betekent nog niet dat “Varia: Passie voor Slapen” daarmee ook buiten de planologische opzet van het ‘omgevingsplan Rijnhaven Oost’ valt!

Beleveniswinkels

In mijn tien jaar bij Vroom & Dreesmann ben ik een enthousiaste beoefenaar geworden van wat pas met het uitkomen van “De Belevenis Economie” (Pine en Gilmore, 1999), “Belevenisretailing” genoemd werd. Tenslotte was er in dat warenhuis vrijwel niets te koop wat ook niet elders verkrijgbaar was, dus moest de uitstraling, samenhang, gevoel en dus die ‘beleving’ zorgen voor de meerwaarde. Iedereen die recent de TV serie Selfridges heeft bekeken, weet dat dit honderd jaar geleden al niet anders was. Het is ook geen wonder dat V&D in moeilijkheden kwam toen dat betoverende element in de zo overgewaardeerde benchmarks ten onder ging. We zien overal om ons heen winkels, klein en groot, die het aandurven hun klanten die beleving wel te blijven geven, en daarmee succes boeken. Of je je nu specialiseert op spelbeleving in bordspellen, of op slaapbeleving in een beddenwinkel, wordt dan gewoon een kwestie van vierkante meters, én vestigingsplaats. Duidelijk is wel dat specialisatie op assortiment én prijs, en de beleving die dat oplevert, betekent dat je slechts een deel van alle consumenten in je omgeving aantrekt. Maar ook dat je juist daardoor enorm aantrekkelijk wordt voor die doelgroep, en consumenten aantrekt uit een gebied dat veel groter is dan het koopkrachtgebied van welk stadscentrum dan ook.

belevenisfasering

En zo komen we weer terug bij het echtpaar Goddrie, dat op het Groot-Schalig Winkelgebied (GSW) aan de Euromarkt een simpele beddenwinkel uitbouwde tot de beleveniswinkel die het nu is aan de Eikenlaan, en nog grootsere plannen heeft als een slaapdorado voor de hele provincie? Een ontwikkeling waarbij de klant zelf een steeds grotere rol in hun ‘belevenis’ zal gaan spelen, zoals bijgaand plaatje van Albert Boswijk aangeeft.

Rijnhaven Oost

Ik heb er geen enkel belang bij of ‘Varia: Passie voor Slapen’ nu wel dan niet onderdeel gaat uitmaken van het omgevingsplan Rijnhaven Oost. Maar ik zou wel willen dat college én gemeenteraad afstapten van hun heel lokale standpunt dat winkelvestigingen én winkelcentra beslist een onderdeel van de lokale infrastructuur, hét onderwerp van de Detailhandelsvisie, uit moeten maken. Echt, het grote winkelcentrum Rijneke Boulevard zou geen week kunnen bestaan als de klanten alleen uit Alphen aan den Rijn zouden komen, een IKEA vestiging zou nooit uitgroeien tot een bron van verkeersopstoppingen als hun klanten niet uit een wijde cirkel (range) rond hun vestiging zouden komen. Dat geldt straks ook voor het Holland Outlet Centre in Zoetermeer, én voor “Varia: Passie voor Slapen”!

In het kader van het “Economisch Actie Plan” moeten we oog houden voor ontwikkelingen die de omvang van de gemeente te boven gaan, maar die zich wel hier afspelen. Dat doen we toch wel als het gaat om een containerhaven, om Archeon of Avifauna? Dus waarom niet voor winkels?

Einde Ridderhof nabij?

3 okt

Impasse rond gratis parkeren

ridderhofimpasse

Het zat eraan te komen, maar op zaterdag 1 oktober bleek uit een artikel van Wouter van Wijk in het AD/Alphen dat de eigenaren van het geplaagde winkelcentrum Ridderhof hun eigen grootste plaag zijn. Nu de gemeente zich al maanden geleden bereid toonde haar deel bij te dragen om het gratis parkeren onder De Ridderhof mogelijk te maken, en ook de winkeliers-eigenaars daartoe bereid waren, blazen de grote vastgoedeigenaren een principeovereenkomst op door, opnieuw, niets te doen en de gemeentelijke deadline te laten verlopen.
Opnieuw, omdat eerder de burgemeester al met sluiting moest dreigen om die grote eigenaren in actie te brengen om hun brandgevaarlijke winkelcentrum aan de eisen van de tijd aan te passen. En bleven die ook zwijgen toen Dick Vos en Reinder Koornstra, op uitnodiging van een aantal winkeliers daar, hun ‘reddingsplan’ voor De Ridderhof aan hen presenteerden.
Nu ‘niets doen’ blijkbaar tot bedrijfsstrategie is verheven, ga ik me afvragen of dat zwijgen en nietsdoen geen andere achtergrond heeft dan gewoon de onwil de wens van gemeente, huurders en inwoners van Ridderveld in te willigen, of daar tenminste een gesprek over aan te gaan. Gebrek aan geld kán in die kringen geen probleem zijn.
Maar is zwijgen geen opmaat voor iets heel anders?

De ‘Knots’

Eerlijk gezegd, dat winkelcentrum ziet er gewoon niet uit. Dat is ook geen wonder, want het werd gebouwd toen wij in 1972 hier kwamen wonen. Gebouwd in de stijl die in de zestiger jaren in zwang was, en pas later helemaal overdekt, deels met de bekende tenten. Met een parkeergarage die pas na overname door de gemeente enigszins tegemoet kwam aan de eisen van deze tijd. Een winkelcentrum dat zich maar mondjesmaat in onderhoud en schoonmaal mag verheugen. Die Ridderhof is indertijd als wijkwinkelcentrum gebouwd, maar functioneert al sinds de opening van de Herenhof als buurtwinkelcentrum. En daarvoor is het gewoon veel te groot.

Knotsfoto

Vandaar dat we in 2014 kwamen met een plan (De Knots) voor de korte én de langere termijn om er dan ook daadwerkelijk een compact en aantrekkelijk buurtwinkelcentrum van te maken. Maar alle reactie bleef uit, en we hebben onze medewerking daarop opgezegd. Alles kost moeite, maar het trekken aan dit dode paard levert, en zo voelen de winkeliers dat ook, geen voldoening.

Einde van deze ‘Ridderhof’?

Lijkt deze houding van de grote eigenaars raadselachtig, en het bewerkstelligen van de teloorgang van het eigen bezit economisch onverklaarbaar, er kan een goede reden voor zijn. Want als je die Ridderhof als winkelcentrum laat afsterven, komt er een moment dat de kleine eigenaars hun bezit, inmiddels zonder commerciële toekomst, wel moeten verkopen aan de grote jongens. En als het eenmaal in handen is een grote vastgoedclub, komt het moment daar om het compleet af te breken, en het te vervangen door een gloednieuw complex van parkeerruimte, een beperkt buurtwinkelcentrum én heel veel appartementen er bovenop. Iets wat natuurlijk allang gebeurd was áls De Ridderhof, inmiddels bijna 50 jaar oud, in handen van één eigenaar was geweest, zoals dat bij De Herenhof of De Atlas het geval is.
Dat gedrag mag dan maatschappelijk aanvechtbaar zijn, het is wel gezond zakelijk denken. Met name als je intussen de gemeente zo gek krijgt om in te grijpen, en die in de tussentijd het onderhoud laat doen, of het parkeren betaalt. Want als je je gemeente in het land wilt verkopen, met wat ‘city marketing’ heet, dan kun je maar hopen dat mogelijke investeerders niet die Ridderhof gaan bezoeken. Tja, dat Halfords nu verkast naar het al jaren leegstaande pand van De Schoenenreus is wel leuk voor de korte termijn, maar dat op zichzelf ontwikkelt die Ridderhof echt niet tot een leuke plek om te winkelen!

Nita is boos

21 sep

Detailhandelsvisie

Eindelijk heeft de gemeente, als de gemeenteraad daarmee akkoord gaat, een duurzame visie op hoe het Retail landschap er in onze gemeente uit moet komen te zien. En wat er nodig is om, zowel in het Stadshart van Alphen, als in de winkelcentra in wijken en dorpen, winkeliers én onze bevolking een aanbod in winkels te bieden dat overeenkomt met de vraag over 10-15 jaar. Een visie die gelijk een aanzet geeft voor een snelle verbetering van de huidige situatie en een kompas biedt voor investeerders.

vannesdrama02

Tja, en waar je bouwt aan de toekomst, ontkom je er niet aan afscheid te nemen van het verleden. En waar de positieve aspecten van die visie wellicht nog lastig zijn voor onze lokale media, levert dat laatste, het op den duur verdwijnen van de verspreide bewinkeling, natuurlijk dramatische interviews op die de lezer pakken. Zo ook het verhaal van Jan Belt in het AD/Alphen van 3 september over de verouderde winkelstrip aan de Van Nesstraat!

Winkelstrips

Hoewel we voor van alles en nog wat kijken naar hoe het in de VS gaat, doen we niet wat daar gewoon is, namelijk alles wat verouderd is gewoon wegbreken, hoe kort het er ook staat!
Hoe zo verouderd?
Wel, die winkelstrips, aan de Lijsterlaan, het Gouden Regenplantsoen, de Irenelaan én de Van Nesstraat zijn ooit neergezet in een tijd dat de portemonnee nog heel dun was, alleen de bevoorrechten een auto hadden en de meeste burgers het voor hun nieuwsvoorziening nog moesten doen met de bekende zeskantige luidspreker van de plaatselijke radio distributie. Alles was in opbouw, maar de samenleving was nog knus en verkokerd. De dorpscentra, met kleine kruidenierswinkels die óf katholiek, óf hervormd, óf gereformeerd, óf …. waren, voorzagen de mensen op loopafstand van hun dagelijkse spullen. Als je al iets ingewikkelder nodig had, ging je naar de grote stad. Een dorp als Alphen had vanouds zelfs drie ‘dorpscentra’, voor elk van de ooit zelfstandige dorpen Oudshoorn (Hooftstraat, Van Mandersloostraat), Aarlanderveen (Raadhuisstraat) en Alphen (Julianastraat). Maar dat dorp moest na de oorlog uitbreiden, er kwamen nieuwe wijken bij, en dat betekende, in de denktrant van die dagen, dat ook die nieuwe inwoners hun boodschappen om de hoek moesten kunnen doen. Zo ontstonden die winkelstrips, zo ontstond zelfs de grootste mislukking van Ridderveld, de Koopzwam, en zelfs de Sterrenlaan kreeg, met dank aan het integratiebeleid van de PvdA, 10 jaar geleden nog zo’n winkelstrip uit de oude doos!

fotoWinkelcentraAlphen

Tja, de detailhandelsvisie stelt alleen maar dat deze strips als winkelcentrum geen duurzame bijdrage aan de stad leveren en dus niet levensvatbaar zijn, Hoe dat ook tegen het zere been is van veel huidige huurders is, op den duur volgt ook de Van Nesstraat de teloorgang van het Gouden Regenplantsoen, de Irenelaan en de Koopzwam. Het heeft dus weinig zin dáár (en ook aan de Lijsterlaan of de Sterrenlaan) nog in te investeren, en dát is precies, jaren nadat ik dit al publiceerde, ook wat de Detailhandelsvisie zegt.

Nita

Dat juist Nita van Toor zo boos reageert in het AD is eigenlijk onbegrijpelijk. Want waren het niet de Van Toor’s die al jaren geleden begrepen dat hun ‘ouderwetse’, op de buurtbewoners gerichte, rookwarenwinkel in die winkelstrip geen toekomst had, en zich vestigden in het oude Rabogebouw waar ze zich specialiseerden in sigaren (Van Toor’s Cigar Enjoyment) om zich daarmee te richten op alle sigarenrokers in de hele regio. En ook ‘Mariska’, ooit begonnen in een simpele kiosk, kan allang niet meer draaien op de bevolking van de Zeeheldenbuurt waarin deze bloemisterij is gevestigd. Tja, de bakker verdween, met vishandel Sluizeman, naar de Baronie. Maar de drogisterij wás allang daarvoor vertrokken, mét de damesmodewinkel. Tja, eigenlijk kun je alleen de Gall&Gall nog een buurtwinkel noemen, maar ach, die zit er ook alleen maar omdat eigenaar Albert Heijn geen poot aan de grond kreeg in De Baronie. De witgoedwinkel verdween al jaren geleden naar de Euromarkt en, als de achteruitgang van de Van Nesstraat nog doorzet, zal ook mijn favoriete computerwinkel VSR wel die richting opgaan. In wezen zit er geen enkele winkel meer die zich specifiek richt op die wijk, met als gevolg dat ze, zeker in dit internettijdperk, hun winkel zo kunnen verkassen.
Dan kunnen we, over een aantal jaren, dat hele winkelcentrum gewoon opheffen.

Leegstand

Ik sta er altijd weer versteld van dat gemeentes, gemeenteraden, winkelketens én hun adviseurs (gelukkig is het Retail Management Center een uitzondering) in hun Distributie Planologisch Onderzoek (DPO) nog altijd uitgaan van het aantal vierkante meters winkelruimte de gemiddelde Nederlander per branche gebruikt. Het is of je kijkend in de achteruitkijkspiegel over de snelweg rijdt. Verder ís er geen sprake van die ‘gemiddelde Nederlander’ en verschilt de functie van diverse typen winkelcentra enorm van elkaar.

fotocristaller

De verhouding tussen de functies van de verschillende winkelcentra zijn het onderwerp van vele studies sinds Cristaller dat voor het eerst deed in 1934! Voor een gezonde ontwikkeling van een winkellandschap is het beslist nodig dat je rekening houdt met die functie én met wat de omwonenden ervan verwachten. De kern van de detailhandelsvisie is ook niet de vernietiging van die winkelstrips, maar de constatering, in lijn met wat daar, ook door mij, al jaren over gezegd is, dat wat de winkelcentra in de gemeente, het Alphense Stadshart voorop, de klant niet biedt wat deze dáár verwacht. En echt, niet de winkelier of de krant, maar de consument bepaalt wat wáár verkrijgbaar moet zijn.

aaad3

Voor de Van Nesstraat betekent het simpelweg dat het dan nog wel als Centrum voor de Buurt functioneert, maar, zo zonder supermarkt, absoluut niet als buurtwinkelcentrum. Daarvoor moet de blik op De Baronie, en zelfs dat winkelcentrum (niet gebouwd als buurtcentrum, maar wel als zodanig functionerend) heeft al problemen genoeg de beschikbare winkelruimte te verhuren. Het feit dat de verhuurders hun (relatief spotgoedkope) winkels nog wel verhuren betekent absoluut niet dat er nog toekomst is als buurtwinkelcentrum. En als nog meer huurders vertrekken, stort het helemaal in.

En, Nita van Toor, met jullie focus op die nichemarkt van sigarenrokers, heb je wel de parkeerplaatsen, maar niet het winkelcentrum zelf meer nodig.