Tag Archives: alphen

Revival Alphens Stadshart

1 aug

Stadhart
Wie kent niet de problemen in het Alphense Stadshart waar ondanks veel nieuwbouw aan Hoge én Lage Zijde, ondanks de komst van ‘trekkers’ en ondanks een groeiende stroom aan evenementen elk jaar minder consumenten komen winkelen. Alleen gevaarlijke optimisten denken nog dat het, internet of niet, allemaal vanzelf weer goed komt. Want winkeliers die de mogelijkheden van dat internet niet willen inzien, en die mogelijkheden ook niet toepassen in hun winkelformule, zullen de komende jaren niet overleven, als ze nog bestaan. Dát betekent nóg meer leegstand, en de start van de vicieuze cirkel die het einde van ons Stadshart zal betekenen, zoals ik in mijn voorgaande blog schetste.

Het Nieuwe Winkelen
Internet professor Cor Molenaar schrijft bijna zoveel boeken als ons aller Robert Blom, en in 2010 verscheen zijn boek over dat nieuwe winkelen. Cor tekende een heel schema over hoe in het internet tijdperk consumenten tot aankoop van goederen en diensten zouden komen. De rand van dit schema (rode pijlen) geeft aan de ‘klassieke’ manier van handelen, van oriëntatie tot koop, zoals dit al eeuwenlang plaatsvond.

Featured image

Nieuw in dat klassieke proces was alleen wáár die aankoop plaatsvond, niet langer in de winkel, maar in de webshop (gele pijl). Want in de visie van Molenaar speelden winkels alleen nog een rol als ‘showroom’, waar de producten die consumenten in webshops hadden bestudeerd, daadwerkelijk konden worden bekeken en aangeraakt. Inmiddels lijkt hij van die dwaling bekeerd te zijn, maar dít was het concept waarmee hij landelijk bekend werd: “Het Nieuwe Winkelen”. Een concept dat (te) snel werd omarmd door het Hoofdbedrijfschap Detailhandel, tegenwoordig InRetail geheten. Hoewel er op verschillende plaatsen allerlei activiteiten rond dit idee werden ontplooid, zijn ze zonder uitzondering een zachte dood gestorven. En met die initiatieven ook Het Nieuwe Winkelen zelf!
In 2012 lanceerde ik als tegenhanger het concept ‘De Nieuwe Winkelier’ op http://www.bricksenclicks.me. Hierin stond nu eens niet het koopproces van de consument centraal, maar de manier waarop winkeliers zich een nieuwe toekomst kunnen scheppen door het internet te gebruiken voor een compleet ander soort winkel. Een winkel waarin de unieke mogelijkheden van de fysieke winkel worden gecombineerd met de unieke mogelijkheden van de webshop.

Winkels ouderwets?
Cor Molenaar en zijn aanhangers in de Nieuwe Media kenden maar twee werelden: die van de ‘ouderwetse’ winkels en die van de oneindige horizonten van de webshops. Zij voorzagen een heuse titanenstrijd met een voorspelbare afloop. Van de winkels zou niets anders overblijven dan een paar showrooms, winkelcentra zouden verschrompelen in een wereld waarin niemand meer de huiskamer zou verlaten om aankopen te doen. Voor hen, zonder scholing en/of ervaring in winkelverkoop, was ‘retailing’ niet anders dan een logistieke operatie om de beschikbare goederen uit de hele wereld in contact te brengen met de consument. Een operatie waarbij de webshop vele malen aantrekkelijker zou zijn dan de fysieke winkel.
Heeft hij daarin ongelijk? Grotendeels wel, want winkelen, en zelfs boodschappen doen, is veel méér dan jezelf voorzien van noodzakelijke goederen. Waar consumenten steeds meer ‘beleving’ vragen bij hun aankoop, zien we dat de webshop daarvoor heel beperkte mogelijkheden heeft, terwijl dit, mits de winkelier daarop inspeelt, het sterke punt is van zowel individuele winkels als van winkelcentra.
Maar hij heeft deels gelijk, in die zin dat geen enkele winkel zo groot is dat alle beschikbare aanbod op de wereldmarkt daar getoond, en geleverd kan worden. Winkeliers doen aan ‘preselectie’, ze vormen uit dat enorme aanbod een assortiment waarvan zij denken dat dit hun klanten de beste keus biedt. Terwijl een webshop niet eens gelimiteerd wordt door wat in hun magazijnen is opgeslagen, want ze kunnen via links met andere webshops letterlijk ‘de wereld bij U thuis’ brengen, zonder ook maar één product op voorraad te hebben. Ze bemiddelen daar alleen in, wat Anderson (The Long Tail) Digital Retail noemt.
Wat lag er nu meer voor de hand dan het integreren van de sterke punten van zowel fysieke winkels met de sterke punten van die webshops: De Nieuwe Winkelier.

De Nieuwe Winkelier
Bij de opzet van assortimenten zien we dat winkels, in de illusie daarmee elke klant tevreden te stellen, hun ‘kernassortiment’, de goederen die de klant in hun winkel verwacht, uitgebreid hebben met steeds meer ‘randassortiment’, méér merken, méér soorten, méér kleuren, méér maten en méér prijsklassen. Winkeliers gingen verder door hun assortiment ‘service producten’ (denk aan schoenveters bij schoenwinkels) enorm uit te breiden, zodat ze nog meer konden verkopen aan klanten die niet dáárvoor die winkel bezochten. ‘Branchevreemde” artikelen werden gemeengoed, zodat het begrip ‘branche’ in feite is verdwenen. Uiteindelijk leidde dat tot almaar groeiend winkeloppervlak, tot schaarste aan ruimte in de bestaande winkelcentra, en uiteindelijk tot almaar hogere huurprijzen. Maar ook tot meer personeels-, energie- en voorraadkosten. Daarbij gingen winkels die steeds vaker elkaars producten gingen verkopen, steeds meer op elkaar lijken, zodat onze winkelcentra niet alleen groter en duurder werden, maar ook minder attractief. Het resultaat is te zien: lege winkelstraten die leiden tot groeiende leegstand. Met als gevolg nóg minder bezoek.

Featured image

Het concept van De Nieuwe Winkelier rekent af met verouderde denkbeelden uit het pré-internet tijdperk. Winkels concentreren zich weer op hun Kernassortiment, op de producten, de service, de prijsklasse, de winkelcommunicatie die hun doelgroep daar verwacht. Dat kernassortiment wordt aangevuld met een, steeds wisselend, deel van het Randassortiment zodat de klant op het bekende kan rekenen (Jawel, Jacqueline), maar toch steeds met wat nieuws wordt verrast. De grote boosdoener, het Aanvullend Assortiment, verdwijnt grotendeels. Terwijl op de website niet alleen de goederen uit de winkel worden aangeboden, maar ook het sterk uitgebreide (er is immers geen ruimte of voorraadprobleem meer) randassortiment. Een website die, uiteraard, ook vanuit de winkel op grote touchscreens bezocht kan worden. De klant heeft uiteindelijk meer keuze dan nu, al vindt deze dat niet allemaal in de fysieke winkel.

Gevolgen
• Doordat er sprake is van een enorme beperking van het aanbod in de winkel, kan deze uit met hoogstens de helft van het huidige winkeloppervlakte. Dat leidt tot enorme kostenbesparingen die deels ten goede komen van de consument, deels van de winkelier. Uiteraard leidt dat tot omzetverlies, maar dat kan grotendeels via de webshop worden gecompenseerd.
• Het leidt er ook toe dat de huidige winkelruimtes veel te groot zijn voor de nieuwe winkelformule, zodat deze óf kan verhuizen naar een kleinere winkel, óf de ruimte gaat delen met één of meer winkelformules. Precies zoals dat al bij boekhandel Haasbeek Centrum gebeurde met de inwoning van Barista, en nu opnieuw gebeurt met spellenwinkel Hoge Ogen die voorheen aan de Hooftstraat was gevestigd. Trouwens, bezoekers van iCentre’s, van Bruna’s en AKO’s kennen het principe al terwijl ook gemakswinkel Primera grotendeels functioneert als ‘Nieuwe Winkelier’.
• Nadat winkelcentra decennialang te weinig ruimte boden, betekent ‘De Nieuwe Winkelier’ dat er voor al die kleinere winkels veel te veel ruimte beschikbaar is. De praktijk zal zijn dat zeker onze stadscentra (met andere winkelcentra is wat anders aan de hand, zoals we al eerder beschreven) in de toekomst veel compacter zullen zijn dan nu het geval is. De huidige leegstand en de invloed van de huidige webwinkels heeft hiermee weinig te maken.
• Doordat winkelformules zich fysiek weer concentreren op hun Kernassortiment, wordt het allemaal voor de consument weer wat duidelijker. En, omdat die concentratie gaat leiden tot duidelijke verschillen (differentiatie) in aanbod, prijsklasse en ‘beleving’, biedt dat toekomstige Stadshart de Alphenaren op minder oppervlak veel meer dan nu het geval is.
De webshops legden een bom onder de inkomsten, én de toekomst, van de traditionele winkeliers. Met “De Nieuwe Winkelier” zullen de nieuwe, volledig geïntegreerde bricks&clicks formules die webshops weer terugdringen naar hun ‘natuurlijke’ plaats in de marge van de retail. En leidt tot de ‘revival’ van ons Stadshart als politici en winkeliers uit hun huidige lethargie ontwaken.
Deze gevolgen worden in een aantal blogs nog uitgebreid behandeld, maar mijn volgende blog zal gaan over de invloed van de grootschalige detailhandel buiten de bestaande winkelcentra.

Advertenties

Petitie tegen het Cultuurhuis

27 nov

Inwoners van Alphen aan den Rijn, Boskoop en Rijnwoude, medeburgers

Gemeenteraadsleden hebben, jarenlang, hun tong blauwgepraat over wat hét pronkstuk van de Lage Zijde moet worden, ons (jazeker, óók in onze fusiegemeente) aller Cultuurhuis. Intussen heb ik er zelf ook al heel wat blogs en columns over geschreven, maar nu Martijn Zohlandt, zonder een spoor van voorbereiding, opeens een petitie op het internet zet, moet ik daar toch wel wat over schrijven.

Ooit, jaren geleden, heb ik de politiek zo gewenste bouw van het Cultuurhuis geaccepteerd in het kader van de ontwikkeling van de Lage Zijde. Bepaald niet van harte, en met de nodige vraagtekens, met name met betrekking tot het maatschappelijk nut tegenover de te verwachten exploitatiekosten van dat gebouw.
Nu die hele ontwikkeling is vertraagd, en de ‘upgrade’ van de Lage Zijde in handen van Corio lijkt te liggen, raak ik er steeds meer van overtuigd dat dit Cultuurhuis onze plaatselijke ‘Toren van Babel’ wordt. Met dien verstande dat er al sprake is van die spreekwoordelijke spraakverwarring voor zelfs maar met de bouw is begonnen.

Kijk, medeburgers, het verhaal begint met het model van een ‘Kulturhûs’, een Zweedse versie van een dorpshuis, waarin alle maatschappelijk, bestuurlijke, medische én culturele voorzieningen in één gebouw verenigd zijn. Een prachtige voorziening, die ik, om allerlei redenen, graag in onze wijken en dorpen gerealiseerd zou zien, maar natuurlijk onzin in het stadshart van een stad met 70.000 inwoners. Daarbij, zelfs áls het gerealiseerd is, blijft ons theater Castellum aan het Rijnplein gewoon 1 miljoen Euro per jaar kosten, en zit een belangrijk cluster ‘culturele activiteiten, tegen aanmerkelijk lagere kosten, bij Parkexpressie. Dus van een clustering van alle culturele activiteiten in dat ene gebouw is absoluut geen sprake.
Nee, medeburgers (en gelukkig zijn dat er straks 30.000 meer, die allemaal mogen gaan meebetalen), ik heb het al vaker voorgerekend hoe dat gebouw, waarvoor 25 van de 130 Alphense NUON Euro’s zijn gereserveerd, straks wel 50 miljoen gaat kosten. Tenslotte moeten de bouwplannen nog helemaal worden opgesteld en leert de geschiedenis dat álles in Alphen uiteindelijk veel meer kost dan de (ook gewoonlijk) optimistische ramingen. Verder heeft geen enkele beoogde gebruiker (bibliotheek, kunstverdieping, muziekschool en archief) ook maar één Eurocent voor de verhuizing en de inrichting van het nieuwe pand gereserveerd zodat de niet geringe kosten daarvan automatisch voor rekening van de gemeente komen ZONDER DAT OOK DIE daarvoor ook maar iets gereserveerd heeft. En, omdat een vestiging op één van de duurste plaatsen in de stad nu eenmaal financiële consequenties heeft, zou een reële doorberekening van de werkelijke kosten aan die gebruikers leiden tot hun faillissement. Nee, medeburgers, dat Cultuurhuis gaat op die manier nogmaals leiden tot 1 miljoen Euro subsidie per jaar, een bedrag dat U ook nérgens in de gemeentebegroting zult vinden. Maar een bedrag dat er, zo gauw de nieuwe gemeente een feit is, beslist op zal staan, ten koste van ….?

Medeburgers, de meeste kritiek in onze gemeente richt zich op de voorlopige bouwsom van € 25 miljoen, maar ons college zal U snel voorrekenen dat dit bedrag volledig verantwoord is in het licht van wat het NIET bouwen van dat cultuurhuis ons allemaal zal gaan kosten. Met die redenering ben ik het niet eens, maar mijn (ons) gelijk zal pas blijken als dat gebouw er al staat, vrees ik. Zoals dat met ons Stadhuis ook het geval was.
Nee, dan is een schatting van de kosten die, ongebudgetteerd, daar ELK JAAR opnieuw bij gaan komen, een stuk gemakkelijker te bepalen.

Maar mijn grootste probleem, medeburgers, ligt in het feit dat, waar het in het geheel van het Lage Zijde project logisch was eerst dat Cultuurhuis te bouwen (o.a. als onderkomen van de bibliotheek omdat het huidige pand gesloopt zou worden) de bouw van het cultuurhuis nu helemaal los komt te staan van wát er verder ook aan die Lage Zijde wel, en vooral niet, wordt gerealiseerd. Want het lijkt er toch wel heel sterk op dat er van dat oorspronkelijke plan HELEMAAL NIETS terecht gaat komen. En dan staat daar straks een duur gebouw aan de rand van een eeuwige bouwput!

Nee, als die bibliotheek tijdelijk uit het centrum moet verdwijnen, kan die net zo goed tijdelijk in de oude Bonifacius school worden ondergebracht. Ruimte zat, als tenminste het filiaal Ridderhof NIET wordt gesloten. Dan kunnen we over een jaar of vijf eens zien of dat idee van een ‘Cultuurhuis’ werkelijk zo briljant was als de PvdA ons dat al jaren wil doen geloven. Alleen weten we dan (dat hoop ik tenminste) wat er wél aan die Lage Zijde wordt gerealiseerd.

Maar ja, dan moeten Uw Gekozenen wel de moed hebben om op een éénmaal genomen besluit terug te komen. Nu de collegepartijen niet eens wilde praten over de ‘Kop Sterrenlaan’, waar ook totaal iets anders komt dan waarover jarenlang is gesproken) maak ik me over die ‘moed’ niet teveel illusies, eerlijk gezegd.
Maar intussen kunt U doen wat ik toch ook maar heb gedaan, en die petitie op alphenscultuurhuis.petities.nl tekenen. Ook als U (nog) geen Alphenaar bent.

Sint aan de wilgen?

18 nov

Inwoners van Alphen aan den Rijn, Boskoop en Rijnwoude, medeburgers

Soms vraag ik me of mensen gek zijn geworden.
Want aan de ene kant zien we dat binnen de familiekring het aloude Sinterklaasfeest steeds meer een echt familiefeest wordt. Kompleet met lekker snoepen, spelletjes doen en, natuurlijk, écht bezoek van de echte (natuurlijk) Sinterklaas thuis. Het gloednieuwe Alphense Sinterklaasjournaal bericht elke dag van alle problemen waarmee de Regelpiet en de Paniekpiet in onze stad worden geconfronteerd. Niets bleef hen, volgens de meelevende presentator Mike, bespaard. De ene na de andere ramp dreigt de aankomst van de Sint te verstoren, plaatselijke hoogwaardigheidsbekleders worden ingeschakeld, ons aller Toob Alers heeft persoonlijk zijn geliefde Rijnplein aangeveegd en de ‘Razende Reporter’ reisde de hele stad af op zoek naar oplossingen. Nee, het is duidelijk, Alphen aan den Rijn, en vooral jong Alphen aan den Rijn, is helemaal in de ban van ‘De Sint’!
Aan de andere kant is die Sint maar sporadisch in het Stadsbeeld te zien. Natuurlijk hangt de feestverlichting er al, maar in het algemene beeld van winkels en etalages lijkt Sinterklaas afwezig te zijn. De klant is er steeds meer mee bezig, en de winkels die deze klant graag binnen zien komen, doen er, uitzonderingen daargelaten, niets mee. Dat is, met de huidige commerciële resultaten in mijn achterhoofd, toch wel een vreemde constatering. Inderdaad medeburgers, de Sint lijkt door vele detaillisten aan de wilgen te zijn gehangen, die daarmee hun kip met de gouden eieren laten verhongeren. Ik zei het al, die mensen lijken gek geworden!

Zoals velen van U weten, medeburgers, heb ik tien jaar lang gewerkt bij warenhuis Vroom&Dreesmann. Daar begon Sinterklaastijd al vroeg in oktober, waren alle etalages getooid met Sinten en Pieten, was elke display met pepernoten getooid en schalden de Sinterklaasliedjes twee maanden lang uit de geluidsinstallatie. Toen ik bedrijfsleider was, heb ik in elke platenzaak die ik kende, gezocht naar ándere opnames, want je droomde van die liedjes. Kortom, het hele warenhuis stond in het teken van Sinterklaas, want iedereen wist dat die uiteindelijk ons salaris betaalde. En die gezonde spanning merkte je in de hele stad, bij elke winkel. En dat in een tijd dat detailhandelsomzetten elk jaar comfortabel met 10% stegen! Dát is nu wel anders. Vele detaillisten staat het water tot de lippen. Dat merk je niet, tót het fout gaat, want zo zijn detaillisten. Je zou dus denken dat ze er werkelijk alles aan zouden doen om met onze Sint mee te varen, maar nee, ze wachten rustig op de Kerst! In een tijd dat de kooplust van de klant minimaal lijkt te zijn, is toch elke stimulans nodig?. Alles zou uit de kast moeten komen, maar er heerst toch vooral berusting, zo lijkt het.

Natuurlijk is ook de kerstperiode belangrijk, voor de modesector zelfs veel belangrijker, maar ja, de eerste kans is toch al verloren gegaan. Bij Vroom&Dreesmann was het een sport om zo snel mogelijk om te schakelen van Sinterklaas naar Kerst, en een beetje bedrijfsleider had dat toch wel binnen twee dagen voor elkaar. Afdelingen afbouwen, Kerstafdeling opzetten, alle displays wisselen, alle etalages ombouwen, en natuurlijk: Kerstliedjes.
Dat was voor iedereen hard werken, medeburgers, maar het was ook gewoon hartstikke leuk om te doen. En dan, direct na Nieuwjaar, de hele zaak weer aan kant, en op naar opruiming en ‘balans’. Maar de retailsector doet het vandaag de dag liever wat rustiger aan. Relaxed, en vooral zuinig, beginnen met kerstetalages en displays en dan maar hopen dat de consument voor Kerst flink komt inslaan. Maar als dat onverhoopt niet gebeurt, zullen begin 2012 veel winkels hun deuren moeten sluiten, vrees ik. Dat is jammer, medeburgers, voor die ondernemers, voor hun personeel, en nog veel meer voor U!
Gelukkig zijn er ook nog ondernemers die de handen uit de mouwen steken. Zo lijkt een jonge onderneemster aan het Thorbeckeplein erin te slagen de door haar bedachte Kerstmarkt van de grond te trekken. Compleet met ‘treintje’ om de klanten van het Rijnplein (met het ‘Winterspektakel’) dwars door de stad naar het Thorbeckeplein te slepen, en vice versa. Een geweldig initiatief, en ik wens haar, én haar medestanders, daarmee alle succes toe. Het blijft wel vreemd dat die twee grote initiatieven die ons Stadshart in die belangrijke periode laten bruisen, uiteindelijk door slechts een paar mensen worden getrokken. De Alphense ‘Sterren’ zijn hen helaas ontgaan, maar U, beste medeburgers uit Alphen én uit de plaatsen rondom, kunt dat compenseren door die evenementen, winkels en horecagelegenheden in ons Stadshart massaal te gaan bezoeken. Want dat Stadshart, die winkeliers, hebben U, zeker dit jaar, hard nodig. En U, medeburgers, hebt dat Stadshart, onze grootste en goedkoopste welzijnsvoorziening, hard nodig. Zo helpen we elkaar, in een plezierige atmosfeer, het nieuwe jaar in!

Zeemantunnel?

2 sep

Inwoners van Alphen aan den Rijn, Boskoop en Rijnwoude, medeburgers

De gemeenteraad haalt ‘De Lage Zijde’ van de agenda, en Jan Zeeman zet die er, in een interview met annelies@alphen.cc, weer op. Een typisch voorbeeld van hoe de verhoudingen in Alphen aan den Rijn liggen.
Merkwaardig genoeg blijken, op het dieptepunt van kansen voor winkelcentra, projectontwikkelaars zich opeens te verdringen om aan de Lage Zijde te gaan bouwen. Maar als ze dat doen op de manier zoals Jan Zeeman voor ogen staat, gaan we daar nog veel plezier aan beleven. Ik wens wethouder Lyczak dan ook veel sterkte met deze inbreng.

Begrijp me goed, medeburgers, ik acht Jan Zeeman als ondernemer hoog, en sta zijn onderneming regelmatig te promoten bij collega’s en studenten. Tenslotte heeft de man vanuit het niets een groot internationaal retailbedrijf gebouwd, natuurlijk met wat hulp, maar tóch. Als Jaap Blokker een icoon was (maar hij erfde het bedrijf van zijn vader) dan is Jan Zeeman dat zeker. Dit even om misverstanden te voorkomen.

Maar als Jan de problemen in ons Stadshart gaat oplossen bij de Julianabrug, is hij met heel wat anders bezig. En dat blijkt ook wel. Hij wil een tunnel in de plaats van de Julianabrug, leuk, maar niets nieuws! Donna Vrij had dat al jaren geleden in haar verkiezingsprogramma staan. En als je klanten wilt trekken voor het Thorbeckeplein, is het op zijn minst gesproken vreemd als je hen helemaal bovenop die Julianatunnel laat parkeren. Dat, medeburgers, gaat net zo min werken als het ‘rondje’ via de Swaenswijkbrug. Al jaren geleden had ik bedenkingen bij de uitwerking van het plan “Rondom de (Alphense) brug” helemaal aan de Oranje Nassausingel, laat staan bij de Willem de Zwijgerlaan.

Hét centrale probleem van het Alphense Stadshart, medeburgers, is immers de over het hele centrum verspreide bewinkeling. Die stamt nog uit de tijd dat onze stad bestond uit drie onbetekende dorpskernen (zie ook de column “Een nieuw Centrum” op http://www.alphen.com). De Oude Rijn maakt dat probleem alleen maar groter. Om een aantrekkelijk centrum te creëren moet die bewinkeling, net als in een echte stad, rond de Alphense brug geconcentreerd worden. Niet voor niets heette het eerste Stadshart plan ‘Rond de brug’. Merkwaardig genoeg denkt Zeeman helemaal niet aan een compact centrum, maar wil hij de Hooftstraat weer in oude glorie doen herleven. Daarmee spuugt hij tegen de wind in, en bewijst daarmee Alphen, en de omliggende kernen, een slechte dienst.

Zeeman weet, natuurlijk, hoe je een winkelformule bouwt en laat groeien. Hij weet intussen ook wel, met zijn bedrijf GREEN, hoe hij winkelruimte realiseert, verhuurt en verkoopt. Maar het realiseren van een aantrekkelijk stadshart als ‘place to be’ voor CONSUMENTEN, dát is andere koek. Het is zelfs een ander vak. Dat blijkt ook wel, want Jan verbindt die Lage Zijde direct met zijn mogelijkheden voor het oude stadhuis, die met dat ´aantrekkelijke centrum´ helemaal niets te maken heeft. Maar wel met de mogelijkheden voor Green, uiteraard.

Gerard van As gaf al aan er natuurlijk genoeg projectontwikkelaars in de realisatie van de winkels daar geïnteresseerd zijn. Tenslotte hebben die in deze crisisjaren niet zo veel te doen. Het probleem is de financiering van hun projecten, zoals we dat overal in Alphen (Station, Toor, Bonifacius) meemaken. Ook het vinden van huurders voor die panden is niet het probleem. Wel het vinden van de huurders die de torenhoge huurprijzen willen én kunnen betalen.

Maar wat veel belangrijker is dan de verhuur van nieuwe panden (Ook Jan van Lenten van bureau Stadshart zit op dat verkeerde spoor) is de samenstelling van dat nieuwe winkelcentrum. Ons stadshart moet niet langer, zoals in de ‘dorpse’ periode, voorzien in alle dorpsbehoeften. Daarvoor dienen wijk-, buurt- en dorpscentra. Een centrum moet iets ‘extra’s’ leveren, iets wat consumenten NIET in hun directe omgeving vinden qua keus, kwaliteit of prijsstelling. Niet alleen de consumenten uit Alphen aan den Rijn, die dat ‘extra’ nu buiten de gemeente zoeken én vinden, maar ook voor de consumenten uit het, straks na de fusie fors uitgebreide, aantal kernen rondom de stad. ‘Winkelen’ is iets heel wat anders dan ‘boodschappen doen’.

Medeburgers, het merkwaardigst aan dat interview van Jan Zeeman is natuurlijk dat hij hier pas over praat op het moment dat wethouder Lyczak bijna met de afronding van de keuze voor een projectontwikkelaar klaar is. Mosterd na de maaltijd, lijkt het, want ik schat in dat Stan Lyczak zich op dit moment niet meer laat tegenhouden, zelfs niet door onze plaatselijke icoon Jan Zeeman.