Tag Archives: dorpscentrum

Opruimen, die oude panden!

27 jul

Verloedering
In de voorgaande aflevering heb ik met name de reële concurrentiepositie van ons Stadshart in onze regio voor u geschetst, met als boodschap dat de mogelijkheden van dat Alphense Stadshart nogal beperkt zijn. In feite kunnen we de ‘koopkrachttoevloeing’ vanuit de regio, die in elke gemeentelijke nota opduikt, al bij voorbaat vergeten. De Alphense winkeliers kunnen zich beter beperken het eigen dorp, de eigen buurt en de eigen wijk. En de winkeliers in het Alphense Stadshart tot, op z’n best, de inwoners van onze gemeente. Elke ambitie die daar buiten valt, heeft weinig grond en leidt alleen maar tot frustratie.
De conclusie uit dat blog is dan ook dat men moet kiezen: Of we maken er een écht aantrekkelijk, op mode en speciaalzaken gebaseerd, Stadshart voor de hele bevolking van, óf het krimpt tot niet meer dan een boodschappencentrum voor de centrumbewoners. In dat geval zullen veruit de meeste landelijke ketens ons ‘dorp’ verlaten en wordt ons Stadshart een spookstad!

Alle ballen op het dorp
Toen ik nét in Alphen woonde, was wijkcentrum De Ridderhof nog in aanbouw. Als kersverse Riddervelder bezocht je het noodwinkelcentrum, aan de overkant van de Bruinsslotsingel, en als ‘Echte Alphenaar’ kocht je je spullen in het ‘oude dorp’. Zo waren mensen en belangen mooi gescheiden. Het was dus logisch dat je op De Ridderhof een heel scala aan winkels had, zodat de Riddervelders voor eigenlijk alles in de eigen wijk terecht konden. Net zoals de ‘Alphenaren’ dat alles nog altijd in hun oude, vertrouwde, dorpshart konden kopen.
Die natuurlijke scheiding van winkels en winkelend publiek werd al snel gewijzigd, toen De Aarhof werd gebouwd, met o.a. een HEMA, een ‘Hij’&’Zij’ (later ‘We’), een Albert Heijn. Dat alles aangevuld met een heel palet aan plaatselijke winkeliers en een horecavestiging. Hetzelfde recept werd tien jaar gevolgd bij de bouw van De Herenhof, opnieuw een compleet aanbod, met ‘De Stad’ op de achterhand als je echt iets speciaals nodig had. En eigenlijk is die situatie nooit veranderd, niet voor de centrumbewoners, en ook niet voor de Riddervelders. Dit tot ongenoegen van de centrumwinkeliers die merken dat een groeiend aantal Alphenaren hun eigen Stadshart mijden. Want die winkeliers waren er al die jaren van groei van overtuigd geweest dat uiteindelijk alle ballen op het Stadshart gespeeld zouden worden en ze financieel binnen zouden lopen. Wel, dat is duidelijk niet het geval!
In de vijftiger jaren waren in de diverse stadsuitbreidingen winkelstrips gebouwd, Gouden Regenplantsoen, Irenelaan, Van Nesstraat en Lijsterlaan, duidelijk bedoeld voor de dagelijkse boodschappen. Helaas, in deze moderne tijd net zo nutteloos als de Koopzwam in Ridderveld was. Want zelfs de Van Nesstraat heeft zijn functie verloren na de bouw van De Baronie, en in wezen gebeurt hetzelfde met de Hooftstraat, waarin alleen de nog overgebleven winkeliers denken deel van ons Stadshart uit te maken.
Het beste wat er met deze versnipperde bewinkeling uit vroeger tijden kan gebeuren, is afbreken of herbestemmen. Verspreide bewinkeling heeft geen functie meer en kan geen rol spelen in, of zelfs naast, een modern en compact Stadshart. De Baronie had in de ogen van Jan Zeeman moeten uitgroeien tot een luxe concurrent van ons Stadshart, maar de werkelijkheid is, gelukkig, dat het niet meer is dan een boodschappencentrum voor de omwonenden. Ja, Jacqueline, zoals ik dat tien jaar geleden al schetste! Met de komst van een slagerij is het verder wel afgelopen met de uitbreiding.
Hierbij een schets van onze stad, én zijn winkelcentra, zoals ik deze 6 jaar geleden, ter lering en vermaak van onze gemeenteraadsleden, opstelde, en die, als voorbeeld van de verspreiding van verschillende types winkelcentra over een stad, ook in het boek ‘Marketing voor Retailers’ is opgenomen.

Featured image

Natuurlijk is De Baronie inmiddels gerealiseerd, en zijn er inderdaad vaste plannen voor ‘Traffic winkels’ bij het Station. De Ridderhof is feitelijk al gedegradeerd tot het buurtcentrum dat hier al is ingetekend. De Koopzwam is allang geen winkelcentrum meer.

Schuivende panelen
De functie van het Stadshart, en daarmee die van de omliggende winkelcentra, wijzigt, zoals ik al beschreef in het artikel “Half Winkelhart, beter Winkelhart” in vakblad Twinkle:
1. Het Stadshart van Alphen aan den Rijn heeft vanouds een functie als ‘Boodschappencentrum’ voor het hele dorp. Nu de stad is uitgegroeid tot ondorpse proporties, zien we dat deze functie voor de veel winkeliers, voor veel centrumbewoners én voor veel gemeenteraadsleden nog onverminderd bestaat. Maar ons Stadshart zou, met vooral veel modeaanbod en (super-) speciaalzaken in andere goederen, ondersteund door een ruim aanbod in horeca en cultuur, vooral de plaats moeten zijn waar ALLE Alphenaren graag winkelen en recreëren. De bestaande functie als boodschappencentrum, met wel DRIE supermarkten, o.a., voor de CENTRUMBEWONERS, blokkeert de ontwikkeling tot Stadshart voor ALLE Alphenaren. De Oude Rijn, met zijn bruggen, verergert dat alleen maar.
2. De wijk- en buurtcentra zijn de plaatsen waar de Alphenaar zijn DAGELIJKSE BOODSCHAPPEN doet. Maar Herenhof, Ridderhof en Baronie waren, zoals eerder al gesteld, vooral bedoeld als ‘Plaatsvervangend Stadhart’. We zien dat die aanvullende functie snel verdwijnt, en dat alle winkels die zich richten op andere dan de dagelijkse boodschappen, daar verdwijnen. Bij de Ridderhof is dat al het geval, in de Herenhof gaat dat ook gebeuren, voor de Baronie betekent dit dat de huidige leegstand permanent zal zijn, en de Atlas ontspringt de dans omdat die Atlas nooit méér is geweest dan zo’n boodschappencentrum!
Reclameman Dick Vos, enkele winkeliers én ondergetekende maakten nog geen jaar geleden een plan om het, half leegstaande, winkelcentrum De Ridderhof uit het slop te halen en, door een gezondheidscentrum in te bouwen, tegelijkertijd haar wijkfunctie te versterken. Helaas lijken de verhuurders in dit winkelcentrum alle tijd te nemen, moet de gemeente zelfs dreigende taal uiten en blijft dit plan, zoals alle plannen hiervoor, gewoon liggen. De klok tikt door, de klantenstroom stokt, en het einde nadert!

Featured image

Trouwens, ook de artsen in hun semi-permanente gebouw aan de Lupinesingel lijken rustig af te wachten tot dit gebouwtje vanzelf in elkaar stort.
3. In de dorpscentra om ons heen moet je het begrip ‘dagelijkse boodschappen’ wat oprekken, vooral vanwege de afstand in kilometers én cultuur, maar ook de inwoners van die dorpen zouden voor ‘recreatief winkelen’ in Alphen terecht moeten komen. Zo staat het in de plannen, maar zo werkt het helemaal niet. Juist omdat ons Stadshart, nét als hun eigen dorpshart, vooral dat boodschappencentrum is, gaan veel dorpsbewoners liever naar een echte grote stad. De vorige week liet ik u zien dat die in ruime mate voorhanden zijn. Om dezelfde reden mijden ook veel Alphenaren dat Stadshart.

De volgende stap?
Alphen aan den Rijn zit, zoals praktisch elke middelgrote stad, in de problemen met haar winkelcentra. Er staan al veel winkels leeg, twee dorpen, Aarlanderveen en Zwammerdam, hebben al geen winkelvoorziening meer, en voor Koudekerk geldt dat, nu een nieuw ‘boodschappencentrum’ buiten het dorp om voor mij onduidelijke redenen niet mag, het een kwestie van tijd is voordat ook daar de winkels verdwijnen.
Ik voorzie dat deze problemen, on invloed van allerlei nieuwe mogelijkheden via internet technieken, alleen maar groter worden. Dat geldt voor Alphen aan den Rijn zelf, het geldt ook voor de dorpen om ons heen. Het concept van “De Nieuwe Winkelier”, het onderwerp voor de komende week, wordt de standaard, moet dat wel worden, en dat betekent dat niet alleen de winkels, niet alleen de winkelcentra compacter en dus kleiner worden. Dat geldt ook voor het Alphense Stadshart, waar helaas velen nog dromen van uitbreiding.
Want wat niet verandert, gaat dood!

Nieuw Centrum voor Waddinxveen

24 nov

Nieuws
Vandaag geen blog over de gebeurtenissen in de gemeente Alphen aan den Rijn, want ik neem U mee naar een buurgemeente, naar het nieuwe dorpscentrum van Waddinxveen. Tenslotte komt het niet zoveel meer voor dat er een compleet winkelcentrum wordt gebouwd en geopend. En de Alphenaren die Waddinxveen bezochten, zullen zich zich mét mij hebben verwonderd over de bewinkeling in dat dorp. Met een eeuwigdurend noodwinkelcentrum ‘De Passage’, de vele winkelstrips en zelfs nóg meer supermarkten per inwoner dan Alphen aan den Rijn.
Vandaag dus ‘Winkelcentrum Gouweplein’!

Het werd tijd!
Al vele jaren geleden kwam het Waddinxveense centrumgebied ‘De Passage’ op mij over als een plek waar je niet wilde zijn. Als noodwinkelcentrum twintig jaar geleden nog aanvaardbaar, maar als centrum van een inmiddels uit de kluiten gewassen dorp een aanfluiting.
Gelukkig is er dan eindelijk een écht winkelcentrum aan het gloednieuwe Gouweplein, met ruimte voor een 60-tal winkels, horecagelegenheden en dienstenleveranciers. Een centrum met een gigantische parkeergarage met 1200 parkeerplaatsen, deels bedoeld voor de bewoners van de honderden appartementen. Maar vooral beschikbaar voor alle verwachte bezoekers uit de omgeving, een idee waarbij ik wel de nodige vraagtekens zet, overigens.
Maar ook met een ‘Cultuurhuis’, mét bibliotheek en auditorium, dat in het veel grotere Alphen aan den Rijn sneefde door al te hoge ambities.
Waddinxveen heeft nu een prachtig mooi, nieuw dorpscentrum, al vormen de nu lege panden in en rond De Passage, direct na de hefbrug, nog altijd een etterende wond. En de bijbehorende groezelige parkeerplaats is beslist een ‘enge plek’ in de stad die Waddinxveen graag wil zijn.

Ambitie
Lokale nieuwsmedia berichten over de ambitie van gemeente en winkeliers om van het Gouweplein een regionaal koopcentrum te maken. Hoewel ik de Waddinxveners van harte gelukwens met hun nieuwe centrum, lijkt me dát wel erg hoog gegrepen. Niet alleen omdat omringende steden als Gouda, Zoetermeer en Alphen aan den Rijn veel meer winkels hebben, maar ook omdat het winkelcentrum teveel essentiële onderdelen mist om een echt ‘Shopping Centre’ te zijn. En dan doel ik met name op de (nog) wel heel dunbevolkte modesector waarin C&A en HEMA de boventoon voeren, maar waarin een aantal mooie modewinkels en een lederwarenwinkel in het middenprijssegment de afwezigheid van veel bekende modemerken uit de midden- en lage prijsklasse nog niet kunnen verbloemen. En dát, mét een moderne koffiebar en een echte cafetaria, is toch essentieel voor de ‘winkelende’ klant. Maar misschien komt dat nog, als meer modewinkeliers het aandurven hun vertrouwde, vaste, stek rond de Passage, of in één van de vele, verouderde, winkelstrips, te verlaten. Want vreemd genoeg is er bijvoorbeeld nog geen lingeriewinkel te bespeuren, en ook geen telefoonwinkel. Ook valt op dat er noch een slager, noch een groenteboer aan dat Gouweplein zijn gevestigd. Er is overigens plaats genoeg in de circa 20 nog lege panden, maar het modegehalte ligt nu gewoon te laag om landelijke merken te interesseren. ‘Gouweplein’ oogt als een stadscentrum, maar functioneert als een dorpshart. Dát gaat ook met meer ‘fashion’ niet veranderen, trouwens.

Functie
Regionale ambities lijken ook eigenlijk overdreven in een dorp met ruim 20.000 inwoners. Wát de regionale ambitie ook oplevert, dit winkelcentrum zal het op ‘gewone’ werkdagen immers altijd moeten doen met die beperkte hoeveelheid omwonenden. Die inwoners hebben hier al zo lang op moeten wachten dat ze intussen hun weg in de omliggende steden wel gevonden zullen hebben. Daarom zal het al een hele klus zijn hen vaker naar hun eigen dorpscentrum te laten komen.
Maar een op de huidige maatschappijverhoudingen gericht gemeentelijk retailbeleid is broodnodig om dit centrum de kans te bieden die het verdient. Dat betekent dat de gemeente het initiatief moet nemen voor de absoluut noodzakelijke sanering van de, nu over negen verouderde winkelstrips verspreide, bewinkeling. Met de twee supergrote supermarkten van AH en JUMBO en een LIDL in het centrum zal het absoluut nodig zijn het aantal supermarkten op andere plaatsen te reduceren. Als dat niet, mét gemeentelijke hulp, uit eigen beweging gebeurt, zullen de wetten van de vrije markt dat wel voor elkaar krijgen. Al die kleine winkelcentrumpjes hebben in de huidige marktverhoudingen immers weinig overlevingskansen, maar ze zullen wel remmend werken op de ontwikkeling van het Gouweplein. En daarmee op de verdere ontwikkeling van Waddinxveen als geheel.
Dat gebrek aan een realistisch, samenhangend, en op de omgeving gericht, gemeentelijk retailbeleid deelt Waddinxveen helaas weer met Alphen aan den Rijn.

Boskoop loopt leeg!

7 nov

Over het graf
Het lijkt erop dat de gemeenteraad van de vroegere gemeente Boskoop over haar graf heen wilde regeren, waardoor ze de leefbaarheid van dorp moedwillig op het spel zette. Natuurlijk ageren de zittende winkeliers tegen de voorgenomen bouw van een nieuw winkelcentrum in Zuid-Boskoop. Natuurlijk lijden de vastgoedeigenaren in het centrum daarvan schade. Maar ik hoop niet dat het college van Alphen aan den Rijn denkt dat het daarbij blijft. De toekomst van het Boskoopse centrum, en daarmee van Boskoop als kern, staat op het spel! Het lijkt me dat het wel wat mag kosten om die dreiging weg te nemen, met dank aan de meerderheid van de ooit door dezelfde Boskopers gekozen volksvertegenwoordigers!

Ideaal Dorpscentrum
Vele jaren heb ik in colleges en lezingen het dorpscentrum van Boskoop naar voren gehaald als een toonbeeld van wat een dorpscentrum zou moeten zijn. Leuk, compact, divers en compleet. Wat wíl je nog meer! Vrijwel het hele dorp ligt aan de centrumkant van de rivier, aan de zuidkant grenst het dorp vrijwel aan Waddinxveen, maar dat heeft vanouds een inadequaat winkelcentrum. Aan de noordkant is Alphen aan den Rijn moeilijk te bereiken (Greenport probleem) aan de oostkant en aan de westkant zien we vooral weilanden, landbouwgrond en water. Veel parkeerplaatsen rond dat centrum, zelfs op zaterdag! Kortom, een ideale positie voor dit dorpscentrum om voor de inwoners ‘the place to be’ te zijn; zoals het hoort.

Centrum-Zuid
Op de één of andere manier zag projectontwikkelaar Leyten kans om deze uitzonderlijk goede positie te ondermijnen. Hij bedacht een nieuw buurtwinkelcentrum waardoor de Albert Heijn vestiging uit het centrum kon verdwijnen om vervolgens groots op die nieuwe plek te heropenen, zodat de Zaandamse pijlen nu ook op Waddinxveen gericht kunnen worden. Nu nog een paar speciaalzaken uit het dorpscentrum lokken, dan verdient Leyten geld, en loopt het centrum leeg.
Natuurlijk wijzen Leyten en Albert Heijn op de wensen van de bewoners in Zuid, maar zijn die daarmee nou beter af? Beslist niet! Want zelfs áls het lukt meer winkels in dat centrum te krijgen, voor veel niet-dagelijkse aankopen zullen ook zij nog altijd in het Centrum moeten zijn. Zolang dat nog gaat, tenminste, want als er door de verhuizing van die Albert Heijn ook maar 10% minder bezoekers komen, zal zeker de helft van de centrumwinkels onder de rode streep zakken. De bedrijfseconomie van winkels, helaas niet al te bekend, wordt nu eenmaal beheerst door een hoog percentage vaste kosten. Kosten die NIET dalen als de omzet, en daarmee de Bruto Winst, dat wel doet. En wat gebeurt er als, bij voorbeeld, ook deze HEMA franchisewinkel de deuren moet sluiten? Wie gaat dat opvullen? Wie volgt? En hoeveel mensen zullen alleen daarom al in omliggende plaatsen gaan winkelen? Plan Zuid is niets anders dan een planologisch zwart gat waarin de leefbaarheid van Boskoop spoorloos verdwijnt.

Gemeente
Nog niet zo lang geleden was Boskoop een trotse, zelfstandige gemeente. Nu, na een door hogere machten opgedrongen fusie, vormt het mét de voormalige gemeente Rijnwoude een onderdeel van de gemeente Alphen aan den Rijn. En die gemeente, in casu wethouder Gerard van As, zit nu met een aller-akeligste erfenis van die puur Boskoopse gemeenteraad, Centrum-Zuid. Hoewel de drie oorspronkelijke gemeenten de afspraak hadden dat laatste jaar met elkaar te beslissen over heikele dossiers, drukten de Boskopers dit plan van Leyten erdoor op een moment, vlak voor de Kerst en vlak voor de fusie, dat ze wel konden nagaan dat er weinig reactie van de andere gemeenten zou komen. Juridisch zullen ze het wel goed gespeeld hebben, maar het ligt voor de hand dat de andere twee gemeenten de impact van deze beslissing op de NIEUWE gemeente niet hebben begrepen. Intussen zit het nieuwe college met het probleem dat ze dat Boskoopse raadsbesluit, waar ze het niet mee eens zijn, moeilijk (= duur) terug kunnen draaien, hoewel ze dat graag zouden willen. Want dat hierdoor problemen ontstaan, dat begrijpt iedereen op het stadhuis wel. Alleen, wát zou de teloorgang van het Boskoopse dorpscentrum onze gemeente wel niet kosten?
Want, eenmaal gebouwd, is er geen weg terug!

Uitweg?
Je kunt rustig stellen dat de gemeenteraad in Boskoop op zijn minst oogkleppen op had, of voor hun laatste vergadering teveel gedronken heeft. Want nu zaten ze niet alleen met een leeg gemeentehuis, maar ook nog met een lege Albert Heijn. In hun roes lieten ze zich in slaap sussen met het onzinnige verhaal dat de Openbare Bibliotheek in die ruimte een plaats kon vinden. Alsof die Bibliotheek niet overal in de regio juist vestigingen sluit! De kans dat die bibliotheek daar daadwerkelijk in gaat trekken, acht ik dan ook minimaal!
Natuurlijk gillen alle ondernemers daar om een ‘trekker’. Nou, die gaan niet naar een dorp van 20.000 inwoners. Misschien ACTION wel, maar dat kost gegarandeerd een vijftal centrumwinkels de kop. Een ACTION op die plek trekt trouwens niets wat er nu al niet is, de Boskopers. Die ACTION’s staan immers overal? Boskoop heeft ook helemaal geen trekker nodig, het dorpscentrum als geheel is die trekker, vroeger, nu én straks.
Het lijkt erop dat Van As en Van Velzen snel de koppen bij elkaar moeten steken en die vestiging in Zuid koste wat het kost moeten tegenhouden.
Anders is de Boskoper binnen 10 jaar vaste klant in Zoetermeer!

Over het graf

26 sep

Sabotage
Nu de verkiezingscampagnes op gang komen, blijkt het raadswerk helemaal ondergeschikt te zijn gemaakt aan die campagnes. In Alphen, maar ook in Boskoop en Rijnwoude. Zo staan vanavond, in de op één na laatste raadsvergadering van de huidige gemeente Alphen aan den Rijn, twee onderwerpen op de agenda die een lange en treurige voorgeschiedenis kennen: Lage Zijde en Rijnhaven. Beide plannen lijken allang niet meer op de oorspronkelijke ideeën, in wezen is daar niets meer van over. Toch moet de gemeenteraad er nog even over moeten beslissen, of ze vergeten, want de nieuwgekozen raadsleden zullen er zéker anders over denken. Ik las zelfs in gemeentespreekbuis Witte Weekblad over het Lage Zijde plan zelfs de volgende zin: “Omdat de zittende raad na 13 november een overdrachtstermijn van een ruime maand heeft, kunnen zij de nieuwe raadsleden tot 31 december helpen bij het vlottrekken van het vastgelopen plan”. Toch wel het láátste waaraan die nieuwe raad behoefte heeft, lijkt me. Dát maakt die verkiezingen immers (opnieuw) overbodig. Nee, er is nieuw elan nodig om in november de mensen in Alphen aan den Rijn, Boskoop en Rijnwoude massaal naar de stembus te krijgen. Geen kaarsje in een doodlopende tunnel. De huidige manoeuvres van de Alphense coalitie, om nog even zoveel mogelijk eigen projecten te redden, zorgen er hoogstens toe dat Alphense kiezers massaal thuis gaan blijven. Het vertrouwen in een nieuwe toekomst met een nieuwe raad in de nieuwe gemeente is dan al voor de verkiezingen verdwenen. Ik zie de halsstarrige houding van de huidige coalitie dan ook als politieke sabotage.

Aarhof volgende stadsruïne?
Het Lage Zijde project is veel groter dan de geplande winkeltjes van VORM. Wat van het laatste duidelijk is geworden is dat de Nederlandse Retail wereld geen enkele behoefte heeft aan die geplande uitbreiding van het Alphense winkelareaal. Nu ook professor Cor Molenaar het met me eens is dat het internettijdperk zal leiden tot kleinere, en compactere stadscentra (http://www.bricksenclicks.me) zullen steeds meer winkelketens zich afvragen wat ze nog te zoeken hebben in kleinere steden als Alphen aan den Rijn. Zelfs de drie deskundigen van de gemeente zijn dat met me eens, zij het om de verkeerde redenen. Kortom, het is evident dat we ons concentreren op dat compacte Stadshart. Dat we ons daarbij steeds meer zorgen moeten maken over het ruim veertigjarige winkelcentrum De Aarhof, lijkt nog tot weinig winkeliers, bestuurders en politici door te dringen. Corio gaat daar geen stuiver meer investeren, maar vindt, mede door gebrek aan Retail visie in de Alphense politiek, daar ook geen koper voor. Wordt die Aarhof onze nieuwe Baronie? En zal onze raad er meer mee kunnen en willen doen dan ook dít gebouw tot ‘industrieel erfgoed’ te benoemen? Alphen heeft nog maar weinig tijd om de keuze te maken voor een compact, maar juist daarom aantrekkelijk, Stadshart, en afscheid van haar dorpse verleden te nemen. Dus ook afscheid van de verspreide bewinkeling uit dat verleden, het Thorbeckeplein, de Hooftstraat, de staarten van Raadhuisstraat en Julianastraat, en al die oude en nieuwe (Koopzwam) winkelstripjes. Zaken die wel veel sentiment, maar geen enkele waarde voor de Retail voorzieningen in onze stad opleveren.
Dat we wat ánders met dat Thorbeckeplein moeten, dát heb ik al op 5 juli (Plan-B) beschreven, met suggesties over wat we ermee zouden kunnen doen. Maar een ‘herformulering van het Lage Zijde plan’ lost niks op. Niet de huidige, maar de nieuwe gemeenteraad moet zich eens gaan buigen over de functie van ons hele Stadshart te midden van de overige winkelcentra in onze stad, van de dorpscentra om ons heen, en de grotere centra rond het Groene Hart.

Watersportcentrum Alphen aan den Rijn
Bij de presentatie van het oorspronkelijke Rijnhavenplan door ex-wethouder Robert Blom hielden de raadsleden het nog nét droog: Zo Mooi!
De huidige industriële gebouwen zouden worden vervangen door woningen aan het water, bootjes daarachter, alles in een idyllisch groene omgeving. Dat alles gesteund door provinciaal geld voor de verbetering van de ‘Oude Rijnzone’. Nou, van dat alles is eigenlijk alleen het laatste nog over, daarvan kunnen ook nog een paar industriële blokkades als Biesterveld worden uitgekocht, blijkbaar. Wat nu voorligt, is een onsamenhangend besluit om maar even de hele brug te verhogen, zodat Alphenaren er met hun sloepjes onderdoor kunnen varen en deze afmeren aan een paar steigers die de gemeente daar wil bouwen. Als we deze treurigheid dan een ‘jachthaven’ willen noemen dingt die Rijnhaven meteen mee voor de verkiezing van de ‘meest naargeestige jachthaven’ van ons land, en er liggen zeker ook Europese kansen! Gelukkig heeft het presidium al ingezien dat het geen zin heeft dit malle plan nog even door de raad te persen, en is het punt van de agenda gehaald. Laten we hopen dat het er ook vanaf blijft, Alphen heeft echt belangrijkere problemen dan die Rijnhaven en aanlegplaatsen voor bootjes die niet meer langs de Rijn mogen liggen.

Kamikaze
Mijn wens voor de verkiezingsperiode is dat onze raadsleden, zelfs die van de coalitiepartijen, zich realiseren dat ze nu echt verantwoording moeten afleggen aan hun kiezers. Dat ze zo verstandig zijn om échte beslissingen, en dat is wat anders dan halsstarrig doorgaan op de ooit ingeslagen weg, aan de raad van de fusiegemeente Alphen aan den Rijn over te laten. De politiek heeft van de afgelopen drie jaar een puinhoop gemaakt, laat onze in 2010 gekozenen nou niet besluiten tot een kamikaze tactiek.