Tag Archives: VERANDERING

De Ongemakkelijke Waarheid

20 apr

Cultuursector R.I.P?
Als ik, na alle commotie rond Muziekschool en Sportspectrum, in het AD/Alphen moet lezen dat ook de “Bieb” en “Theater Castellum” nog steeds niet snappen dat de ‘oude tijden’ voorbij zijn, zie ik de toekomst voor de Alphense cultuurgebruiker steeds somberder in. De directeuren van beide subsidie slorpende instituten krijgen, net als alle andere subsidieverkrijgers, het “advies” (één van de betere ideeën van cultuurwethouder Van Velzen) eens te kijken of ze niet samen op kleinere voet kunnen leven. Maar de dames steken al bij voorbaat de brand in deze gemeentelijke strohalm omdat het delen van de Castellum locatie niet tot ieders tevredenheid kan gebeuren. Blijkbaar wachten ze liever, zoals ook Piet Brummer en de zijnen met de muziekschool deden, tot hun miljoenensubsidie van het ene op het andere moment verleden tijd is, en ze hun instituten moeten opheffen.
Hoe lang moet het nog duren voor al die managers van de ‘het kan niet op’ generatie door hebben dat de gemeente het door hen gewenste geld gewoon niet meer beschikbaar heeft. Deels omdat het er niet is, deels omdat de politici nu andere keuzes maken dan voorheen.

Verandering zonder Veranderen
Ik vraag me af wat we maatschappelijk nog aan voorzieningen moeten verliezen voordat de betrokkenen duidelijk wordt dat je zonder te veranderen van werkwijze geen verandering in resultaat kunt verwachten. Toch is dat precies wat ze nastreven. Winkels en winkelketens sluiten niet de deuren omdat ze geen kansen hebben, maar omdat ze OP DE BESTAANDE MANIER geen kansen hebben. Omdat grote en kleine ondernemers niet in staat zijn hun ingesleten werkwijze revolutionair aan te pakken, als ‘Nieuwe Winkelier’, bijvoorbeeld. Donald Sull stelde al tien jaar geleden dat, als de maatschappij een andere richting kiest (ex-verzorgingsmaatschappij) en organisaties verblind vasthouden aan wat ooit hun sterke punten waren, hun gekoesterde ‘Ankers’ steeds sneller tot ‘Molenstenen’ verworden waaraan die organisatie ten gronde gaat.
Is dat niet precies wat we NU overal zien gebeuren?
Ook het management van ‘de Bieb’ en ‘Theater Castellum’ lijken té verknocht aan de subsidiekraan om zich een leven zónder zelfs maar voor te stellen. Anders kan ik me niet voorstellen dat beide dames ook maar dénken de vrijheid te hebben om “tevreden” te zijn. Het geld is op, en de tijd dringt!

De ongemakkelijke waarheid
Natuurlijk is dat Castellum nooit als ‘Cultuurhuis’ gedacht (dat was al een blunder, natuurlijk), en past de bestaande, gigantische bibliotheek aan het Aarplein daar natuurlijk niet zomaar in. Dat noodzakelijke samengaan betekent dat beide instituten hun ‘business model’, hun manier om geld binnen te krijgen, moeten herzien. En als ze dat zelf niet kunnen, of willen, dan moeten ze hun organisatie maar opheffen, in de hoop dat anderen daar wel toe in staat zijn. ‘De Muziekschool’ is hun leidraad, vrees ik, niet hun eigen, roze, meerjarenplannen. Tenslotte is het helemaal niet de vraag de HUIDIGE bibliotheek in het HUIDIGE theater in te passen, terwijl de directies daar wel van uitgaan.
Zo zet ik al jaren vraagtekens bij het werkelijke nut van het theaterrestaurant binnen het concept van het theater, en datzelfde geldt voor de bioscoopvoorstellingen. We hebben toch al een bioscoop? En het concept van de bibliotheek als gigantisch boekenmagazijn mag ook best op de schop. Mijn concept van de geprivatiseerde ‘Mediawinkel’, met daarnaast de bibliotheekorganisatie om de bevolking van alle leeftijden in nauw contact te brengen met literatuur is alweer jaren oud. Laat het ‘verhuren’ van boeken en andere media maar aan het particuliere bedrijfsleven over. Maar die bibliotheek verschanst zich steeds meer in grote, centraal gelegen, gebouwen, waar de verouderende maatschappij juist vraagt om een kleinschalige, verspreide, opzet. Kortom, zowel het theater als de bibliotheek moeten over hun eigen schaduw durven springen, willen ze én met minder geld uit kunnen komen, én hun maatschappelijke relevantie houden. Dat laatste is natuurlijk de basis van wat ze aan subsidie overhouden. Want hoeveel er ook afgaat, het blijft een hoog bedrag, waaraan elke inwoner meebetaalt, en waarvan dus ook elke burger wil profiteren.
Dat besef, dat echt alles anders moet vóór de klok slaat, is wat milieukopstuk Al Gore ‘De Ongemakkelijke Waarheid’ noemde.

Veranderen, of Verdwijnen
Té lang is de invloed, maar zijn ook de mogelijkheden, van het internet onderschat, een technologische ontwikkeling die zo’n beetje haaks staat op het centralisme van veel huidige managers. Ongeacht of ze nu een retailketen, een horecainstelling, een muziekschool, een theater, of een bibliotheek leiden. Uitstel krijgen ze niet meer, morele chantage door een kleine groep aanhangers werkt niet meer, de binding met de maatschappij als geheel verdwijnt, en de subsidiepomp is gestopt.
Misschien is het ook helemaal niet erg dat de huidige organisaties verdwijnen. Wellicht krijgen we er voorzieningen voor terug die veel beter inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen als individualisering en participatie.
Tegen de prijs die we ervoor willen betalen!

Revolutie in Alphen aan den Rijn?

15 sep

Patstelling
Het lijkt erop dat de Alphense raadsleden zich eindelijk realiseren dat, na drie jaar politiek geklungel, de eerste verkiezingen in de nieuwe fusiegemeente Alphen aan den Rijn wel eens de omwenteling te zien kunnen geven waarop vele partijen al jaren hopen en die anderen juist vrezen.
Dus komen nu de excuses op tafel, van de coalitie dat ze zo lang alleen hun eigen zin hebben doorgedreven, en van de oppositie dat ze zich alleen maar tegen het college hebben afgezet.
Te weinig politici realiseren zich dat, als je maar lang genoeg aan de ‘macht’ bent geweest in het stadhuis, je onvermijdelijk een onderdeel vormt van de problemen die je wordt geacht op te lossen. Uiteindelijk leidt dit niet alleen tot de “Tweedeling in Alphense raadszaal” waarmee Alphen.CC op zaterdag 14 september opende. Het leidt ook tot een politieke patstelling waarin politici elkaar de schuld geven van alles wat er de afgelopen jaren NIET is gebeurd.
In een échte democratie worden besluiten uiteindelijk genomen door de meerderheid, maar worden de belangen van de minderheid steeds zichtbaar in die besluitvorming meegenomen. Iedereen weet dat de laatste jaren van dat laatste in Alphen nauwelijks sprake van is geweest.

Historie
Toen ik ooit, alweer 40 jaren geleden, bestuurslid werd in het Buurtcentrum Ridderveld, een soort schaduwcollege van nieuwbakken Alphenaren, zwaaiden de christelijke partijen, later het CDA, de scepter in Alphen aan den Rijn. VVD en PvdA waren bijwagens die mochten meedoen zolang ze het grote CDA spel niet stoorden. Dat gold ook voor de ‘Nieuwe Alphenaren’, zodat we noodgedwongen onze eigen zaakjes maar regelden.
Maar in de tachtiger jaren veranderde dat toen bleek dat in de snel groeiende stad met haar ambitieuze, jonge, inwoners vooral de VVD hoge ogen gooide. De partij die vanaf de negentiger jaren haar stempel op vrijwel alles drukte. Die partij kon dat doen omdat CDA, PvdA en D’66 zich meer zorgen maakten over hun collegezetel dan over hun kiezers. Een situatie die niet veranderde toen D’66 plaats maakte voor de CU. D’66, GL en SP wilden zó graag in dat college meedoen, maar werden daaruit geweerd. De kleine lokale partijen, waaronder ‘mijn’ Leefbaar Alphen, moesten zich tevreden stellen met de kruimels die van de coalitietafel vielen. De ‘bom’ onder die Alphense politiek werd gelegd toen VVD leider Ruud Gebel wat ál te opzichtig uitvoerde wat velen al verwachtten, en de voltallige oppositie al in de hoek zette vóór ze zich hadden kunnen melden. Tja, de rest is historie, met een gevallen burgemeester en twee gevallen wethouders als trieste dieptepunten van drie jaar ondemocratisch aanrommelen. Het meest trieste is dat de ‘daders’ niet van ophouden weten, en zelfs vlak voor nieuwe verkiezingen nog steeds onverkort vasthouden aan hun gelijk.

Democratie?
In een échte democratie is het zo dat de kiesgerechtigde burger zijn of haar keuze laat vallen op de politieke partij die qua doelstelling en politieke stijl het meest overeenkomt met de eigen wensen en politieke beleving. In de praktijk blijkt dat in werkelijkheid slechts een deel van die kiesgerechtigden gaat stemmen, en dat de overgebleven kiezers niet bepaald een representatieve vertegenwoordiging van onze bevolking zijn.
Te veel kiezers hebben geen interesse (meer) in wat er buiten hun directe levenssfeer gebeurt, en gaan daarom niet stemmen. Een groeiend aantal is wel geïnteresseerd, maar verloor het vertrouwen in politiek en politici, en gaat daarom niet stemmen. Weer anderen kiezen helemaal niet, maar brengen wel braaf hun stem uit op ‘hun’ partij, wát die partij ook doet: De klevende kiezer. Natuurlijk zijn er ook nog kiezers die weloverwogen voor een partij kiezen, of daar zelfs lid van zijn of worden. Eigenlijk de enigen die zich wat van partijprogramma’s en standpunten aantrekken. Dan zijn er nog de vele opportunisten die achter de partij of lijsttrekker aanlopen die hen het meeste voordeel belooft. Zonder te kijken naar wat die partij vérder nog allemaal wil, of deed. Dát zijn de stemmers die in wezen de uitslag grotendeels bepalen. Als ze tenminste gaan kiezen, anders bepalen ze alleen de polls. De laatste groep is die van ‘zo gewonnen, zo geronnen’. Ze zijn gemakkelijk te paaien met mooie beloften, maar lopen weg op het moment dat de democratische praktijk van compromissen hen niet brengt wat ze verwachtten. Ze nemen niet de verantwoordelijkheid voor hun keuze!

Hoop op verandering?
In de huidige gemeente Alphen aan den Rijn zie ik weinig heil voor alternatieve democratische uitspattingen. Illustratief zijn de CDA en VVD kiezers in Groenoord, die mordicus tegen de ‘kleine bypass’ door hun wijk zijn, maar wel al jaren braaf blijven stemmen op de partijen die deze aansluiting, via de Maximabrug, op de N11 nastreven. Een ander voorbeeld is de Lage Zijde, waar, helaas wat laat en opportunistisch, steeds meer burgers buikpijn van kregen, maar waarin, in de woorden van Lyda de Jong, onze coalitiepartijen bleven ‘geloven’! Ik zou het liever ‘geobsedeerd’ noemen en die obsessie leidt ertoe dat drie lijsttrekkers nog steeds hún partijhobby daar boven water proberen te houden. Echt, de meeste Alphenaren zal het een zorg zijn wat er bij dat Thorbeckeplein gebeurt.
Nee, als er niet toevallig een fusie aan de hand was, had de bestaande patstelling tussen die geobsedeerde coalitie en de gefrustreerde oppositie nog járen kunnen duren. Tot de laatste Alphense kiezer, misschien.
Nu duizenden kiezers uit Boskoop en Rijnwoude zich bij ons Alphenaren komen scharen, bieden deze verkiezingen ruimte voor échte veranderingen. Vooral omdat het erop lijkt dat deze nieuwe kiezers veel meer interesse hebben in het scheppen van een voor hún dorp interessante politiek, dan de ‘Alphense’ kiezers die door die lange politieke malaise in grote mate verstek zullen laten gaan. Voorkeursstemmen zouden de verhoudingen tussen, maar ook binnen de partijen wel eens fundamenteel kunnen wijzigen. Of het er daardoor allemaal béter op wordt, dát moeten we maar bezien. Maar dat de gewijzigde verhoudingen binnen het actieve kiezersvolk ook leidt tot échte veranderingen in het gemeentelijk beleid, dat wens ik vooral de Alphenaren toe.